11. Wat is ‘vallen in de geest’?

<<<<<

Naast het dansen (inclusief muziek maken en zingen) in de charismatische beweging, kent men ook het ‘vallen in de geest’. Men denkt dat men onder handoplegging een extra zegen kan ontvangen, als men neervalt en bezwijmt. Van dit soort ‘geluk’ hebben we echter geen enkel Bijbels voorbeeld. Opnieuw geboren christenen, die meemaakten dat mensen languit werden gevloerd tijdens een samenkomst, hebben daarom hier weerstand tegen. Dat is heel logisch, want het voelt zeer onnatuurlijk. En het is absoluut iets occults en demonisch.

Magnetiseurs

Dezelfde intuïtieve weerstand hebben zij als ze kerkmensen tegenkomen, die een magnetiseur bezoeken. Veel van die kerkmensen worden dan wel innerlijk gewaarschuwd, maar helaas… ze gaan er tóch in mee, ook omdat de dominee en de ouderling er niet op tegen zijn. Sommige magnetiseurs noemen zich zelfs ‘christelijk’, dus wat zou daar mis mee zijn? En zo schroeien veel kerkmensen hun geweten dicht.

Jezus legde nooit de handen op mensen, zodat zij zouden vallen. Ook de apostelen deden dit niet. In het ‘vloeren’ van de medemens zit een vernederend element, of dit nu vanuit de natuurlijke of uit de geestelijke wereld gebeurt. Een bokser viert zijn overwinning door zijn handen omhoog te doen naast zijn overwonnen tegenstander. Maar iemand met epilepsie, die door een macht overweldigd wordt, valt op de grond. Het was voor de sterke, gewapende soldaten in de hof van Gethsémané geen zegen, toen zij ‘terugdeinsden en op de grond vielen’. Het was geen ‘komisch’ tafereel.

Gods Geest wil de gelovigen op hun voeten laten staan en hen leiden in het Koninkrijk van God. God zei al tegen Kaïn: ‘Waarom ben je boos als je goed doet?’ De apostel Johannes werd bang en viel als dood neer voor de voeten van Jezus, maar Jezus legde hem de hand op. Niet om hem nogmaals te laten vallen, nee, Hij zei: ‘Wees niet bang’ (Op.1:17). De maanzieke jongen viel op de grond, doordat hij werd aangevallen door een demon. Jezus pakte zijn hand en richtte hem op (Marc.9:20,27). Zowel Johannes als de epileptische jongen vielen, vóórdat de Heer zijn hand op hen had gelegd. Toen Hij hen aanraakte, herstelden zij zich en stonden op.

Het ‘vloeren’ van mensen

Wij hebben ook mensen op de grond zien vallen, maar dit was altijd onder invloed van demonen van wie ze nog niet verlost waren. Waar Gods Geest werkt, beginnen inwonende demonen zich te roeren en vallen ze de mens aan. De verschijnsels die zich dan voordoen, worden niet door Gods Geest veroorzaakt, maar door de demonen van satan. Zij kunnen wonen in die mensen op wie de handen gelegd worden. Het kunnen ook demonen zijn die in degene die de handen oplegt, wonen!

Mattheüs 17 vertelt hoe drie leerlingen op de berg van de verheerlijking niet op hun voeten konden blijven staan. Zij werden in een visioen plotseling geconfronteerd met geweldige, hemelse realiteiten. Zij waren nog niet gedoopt met Gods Geest. Hun innerlijke mens was niet in staat dit visioen te verwerken. Zij waren bang. Hun werden geen handen opgelegd en er waren geen ‘pushers’ aanwezig om hen op te vangen, maar zij wierpen zich vrijwillig op de grond! Zij werden niet vernederd, maar zij vernederden zichzelf vanwege de heerlijkheid van het nieuwe verbond, die ze nog niet verdragen konden.

Om deze situatie van de leerlingen te vergelijken met het soms lachwekkend aandoende en symptomatische neervallen van de ‘gezegenden’ in de ‘services’ van Amerikaanse evangelisten, is godslasterlijk. Ook al zeggen sommigen:

  • ‘Probeer God niet te doorgronden. Analyseer de Geest van God niet. God doet vaak tekens die boven ons begrip gaan. Zolang de Bijbel de basis is, Jezus centraal staat en zondaren tot bekering komen is het goed…’

Deze uitspraken maken de buitenstaander monddood. Er wordt voorbijgegaan aan 1 Corinthiërs 14:29, waar staat: ‘De ánderen moeten het beoordelen’. Maar bij deze ‘mannen van God’ mogen ze echter niet achterdochtig zijn. Ze mogen vooral dit niet toetsen aan hun kennis van de hemelse gewesten. Door dit gebrek aan geestelijk inzicht staat men open voor demonen. De Bijbel is dan niet meer de basis, al worden er Bijbelteksten geciteerd. Jezus, Het Woord van God, staat dan niet meer centraal, ook al ‘komt men in zijn naam’.

In de Bijbel wordt de oorzaak van het op de grond vallen verbonden met demonie of angst voor het onbekende. Tijdens een spiritistische seance te Endor viel koning Saul ‘in zijn volle lengte op de grond, erg bang’ (1 Sam.28:20). Saulus van Tarsen viel van schrik op de grond, toen hij uit het hem omstralende licht, de stem hoorde van Degene die hij vervolgde; Jezus Christus. Zijn innerlijke verblinding uitte zich nu ook in fysieke blindheid. In de Bijbel staat nergens dat het op de grond liggen een zegen voor de mens is. Natuurlijk mag een christen in nood, vanwege een diepe geestelijke worsteling tegen de demonen in de hemelse gewesten, knielen om God aan te roepen, maar dit is dan geen ogenblik van vrede of blijdschap. Hij kan beter in de rust van het geloof blijven staan, bekleed met de volle wapenuitrusting en zeker van de overwinning.

Demonen camoufleren zich altijd

Het gemis aan uitleg van deze Amerikaanse ‘bedieningen’ wijst erop dat er een groot gebrek is aan kennis van de onzienlijke wereld. Men wil niet zien dat occulte demonen mee vibreren. Zij camoufleren zich altijd. Wij zien dit ook bij Elifaz, de Temaniet, die de gestalte van de bedrieglijke ‘vrome’ geest niet kon onderscheiden of identificeren (Job 4:16). Gods Geest echter wijst ons de weg naar de volle waarheid. Zo krijgen we kennis van de werkelijkheid in de zienlijke en in de onzienlijke wereld. Wij hoeven ons verstand niet in te leveren of buiten spel te zetten. Dat willen de ‘vrome’ geesten maar al te graag. Maar Gods Geest wil ons verstand juist verlichten en inzicht geven in de diepste gedachten van God.

Occultisme

In het optreden van deze hysterische occultisten zien wij weer hoe waarheid en leugen samen gaan. Hier worden wij opnieuw geconfronteerd met de boom van kennis van goed én van kwaad. Wanneer in het Oude Testament gesproken wordt van een op de grond vallen van medewerkers van God, heeft dit te maken met het feit dat de hemel voor hen nog niet geopend was, nog niet ‘gescheurd’. De bedekking was van hun hart nog niet weggenomen door het evangelie van het Koninkrijk (2 Cor.3:15). Zij leefden nog in de zichtbare schaduw en niet in de geestelijke werkelijkheid. In het nieuwe verbond schittert de goedheid van God: ‘De Heer opent de ogen van blinden, de Heer richt de gebogen mensen op’ (Ps.146:8).

Ook in ons land

Het ‘vallen in de geest’ gebeurt niet alleen in Amerika en Canada, ook in ons land komt het voor. Daarbij wordt ook de link gelegd naar genezing, als onderdeel van de zegen van het neervallen. Een poos geleden waren er in Amerika enkele evangelisten in wier handen olie afgescheiden werd. Zij zalfden met deze olie de zieken en velen genazen. Prompt kwam deze ‘gave’ ook in Nederland voor. In de begintijd was met name de Pinkstergemeente hier nogal kritisch over:

  • ‘Met gemengde gevoelens hebben we vernomen dat de E.O. aan de activiteiten van ‘Maasbach wereldzending’ aandacht gaf. Wij wijzen er op dat hier duidelijk aantoonbaar on-Bijbelse tendensen aanwezig zijn. Het zogenaamde neervallen en het onesthetisch wegdragen van de gevallenen alsof het hier een of andere ramp betreft, wekt niet direct sympathie op voor de pinksterbeweging in zijn geheel. Jezus voerde één argument aan tegen de machten van de duisternis om Zijn werk te motiveren, namelijk: ‘Satan, er staat geschreven!’ Wat in de Bijbel niet beschreven staat en toch wordt uitgevoerd, moeten wij met grote beslistheid afwijzen. God is een God van orde. Wie het leest, is gewaarschuwd!’

Onbegrijpelijk dat de Pinksterbeweging zelf deze waarschuwing uiteindelijk heeft genegeerd.

Ook kinderen vallen

Dat ook kinderen neervallen en zo ‘de zegen’ ontvangen, lezen we in het volgende:

  • ‘Ik heb nooit die tentsamenkomst vergeten waar de Geest van God over een kleine jongen van misschien 9 à 10 jaar kwam; hoe hij op de grond viel en met de handen omhoog de Heer aan het loven en prijzen was. Ik was zo graag in de dienst gebleven, maar ik moest iemand weg brengen en hoewel ik mij haastte duurde het wel zo‘n 20 minuten voor ik terug was. Maar toen ik weer in de tent kwam, lag daar nog steeds die kleine jongen met de handen omhoog God te loven en te prijzen, met de glorie van God die uit zijn ziel kwam, op zijn gezicht…’

In de Bijbel lezen we echter dat de kinderen tot Jezus gebracht werden, zodat Hij ze kon zegenen. Jezus legde hun de handen op tot bescherming in de geestelijke wereld. Hij liet ze niet tegen de grond slaan, maar sloeg zijn armen om hen heen en zegende ze. Wanneer een kind van negen jaar onderuit gaat, daarbij een half uur in trance de Heer prijst, vragen wij ons af: met welke ‘heer’ hebben wij hier te maken? Kinderen zijn in hun ouders begrepen en geheiligd. Wat hier gebeurde, beschadigt het kind, het is on-Bijbels en onnatuurlijk. De kinderen in de tempel verheerlijkten Jezus door te roepen: ‘Hosanna voor de Zoon van David’. Ze waren niet overweldigd door een geestelijke macht, maar zetten in de tempel voort wat zij onderweg van hun ouders gehoord hadden (Matth.21:9,15). Wij willen daarom waarschuwen tegen deze demonische praktijken!

Waarom vallen trouwens deze ‘predikers’ onder de overweldigende ‘zalving’ niet zelf? Waarom delen zij zelf niet in deze zegeningen? Of geldt voor hen misschien de belofte uit Psalm 91:7: ‘Al vallen er duizend aan uw zijde en tienduizend aan uw rechterhand, u zal het niet overkomen’?

Neervallen brengt geen zegen of genezing

  • ‘Zo is dan het geloof uit het gehoor, en het gehoor door het Woord van God’ (Rom.10:17).
  • ‘En het geloof wordt gevolgd door tekens en wonderen’ (Marc.16)

Het geloof gaat niet uit van speculeren op een mysterieuze werking van Gods Geest. De wonderen die op het geloof volgen, zijn gebaseerd op duidelijke uitspraken van het Woord van God. Degene die dat woord hoort, is daar actief bij betrokken. Bij de charismatische beweging is de genezing echter niet principieel met het evangelie verbonden. Zo schrijft een van hen:

  • ‘Ik was ervan overtuigd dat God u zou genezen, als u aan bepaalde voorwaarden voldeed. Maar, o wee, mijn theologie viel als een kaartenhuis in elkaar, toen er op een dag, vijf minuten nadat de dienst begonnen was, een man naar voren kwam, die zei: ‘Mijn oor is net open gegaan en ik ben niet gelovig!’ Hoewel ik hem herhaaldelijk ondervroeg, herriep hij zijn bewering niet…’

Bij deze ‘evangelist’ is de genezing dus een soort lot uit de loterij. Men hoeft niet aan bepaalde voorwaarden te voldoen, zelfs niet te geloven, zoals in de dagen van Jezus op aarde. Ook niet zoals in Jacobus 5:14,15 voor de gemeenteleden gegeven zijn:

  • ‘Is er iemand bij u ziek? Laat hij dan de oudsten van de gemeente tot zich roepen, zodat zij over hem een gebed uitspreken en hem met olie zalven in de naam van de Heer. En het gelovige gebed zal de zieke gezond maken en de Heer zal hem oprichten. En als hij zonden heeft gedaan, zal hem vergeving gegeven worden. Belijdt daarom elkaar uw zonden en bidt voor elkaar, zodat u genezing ontvangt’.

Verschillende keren hebben wij meegemaakt dat zieken in hun eigen samenkomsten niet genezen werden. De oorzaken hiervan zullen we buiten beschouwing laten. Vervolgens pakten zij het vliegtuig naar Amerika en kregen daar ‘een nieuwe kans’. Natuurlijk komen zij alleen in aanmerking die zo’n reis kunnen betalen. De gewone man is niet in staat naar een van de vele ‘eindtijdtempels’ te gaan. Hij kan zich die luxe niet permitteren. Voor hem is in Nederland geen dokter en een tweede kans is niet haalbaar. Op deze manier wordt niet aan de armen het evangelie gebracht. Het kunnen alleen de rijkeren zijn die hersteld terugkomen. Wij weten echter dat Jezus Christus dezelfde is, gisteren en nu en de kracht van Gods Geest overal dezelfde is, maar in het bijzonder geopenbaard wordt in de gemeente, het levende lichaam van de Heer.

Voorbeeld van willekeur

We kwamen het verhaal tegen van de genezing van een Amerikaan, die zelf ook genezingsdiensten hield. Hij getuigde:

  • ‘Maar voor mijn eigen rugwervelafwijking had ik nog nooit genezing ontvangen. De laatste drie nachten vóór deze conferentie (rooms-katholieke charismatische conferentie op de campus van Notre Dame Universiteit in South Bend) heb ik niet kunnen slapen van de pijn. Laat ik nu toch naar deze rooms-katholieke conferentie moeten komen om genezen te worden! Tijdens de dienst werd ieder gevraagd tijdens het gebed de handen op hoofd of schouders van de buurman of buurvrouw te leggen; mijn vrouw legde haar hand op mij. Naderhand zei ze, dat zij op dat ogenblik geweten had dat ik genezen werd. Ik heb die nacht daarop zonder pijn geslapen als een roos en dat nog wel op een voor mij bijzonder ongemakkelijk bed…’

Wat moet een zieke nu met zo’n getuigenis? Als hij niet direct genezing vindt in eigen omgeving, zal hij dan alle mogelijke bijeenkomsten, waar de ‘kracht’ werkzaam is, afgaan om op een gegeven moment ook aangeraakt te worden? Bovengenoemd getuigenis brengt mensen in verwarring. Hoeft Jezus Christus hen niet meer te redden? Kunnen ze in plaats daarvan niet beter naar een genezingsdienst gaan? Hebben ze Gods Geest niet nodig, die hun sterfelijk lichaam levend wil maken? Waarom moeten ze dan om dit te ervaren toch stad en land omreizen?

‘Wonderen’ in Lourdes….

Een rooms-katholieke schreef:

  • ‘De gaven van genezing zijn niet alleen maar in Lourdes en alleen door gecanoniseerde heiligen. Ze zijn nu bij het hele volk van God. God heeft ons in een nieuwe sfeer van vrijheid in zijn Heilige Geest gebracht, waar wij vol vertrouwen weten, dat als wij het evangelie brengen, Jezus ons zijn hand wil reiken en het bevestigen wil door tekens. Hij wenst dit in iedere stad te doen waar zijn volk bij elkaar komt om Hem te prijzen…’

Voor deze katholiek staat de genezing in de charismatische samenkomst op hetzelfde vlak als de wonderen in de bedevaartsplaats Lourdes. Men hoeft alleen nu niet meer naar dit oord te reizen. Het is gemakkelijker om een vergadering van de charismatische beweging bij te wonen. De rooms-katholiek heeft nu meer kansen dan vroeger. De resultaten zijn gelijkwaardig met die van Lourdes. Met die zegeningen ontvangt men – door het aanroepen van (gestorven) heiligen – een occulte handeling. De regel is dan: velen trekken erheen en sommigen worden ‘genezen’. Het blijft een kansspel, waarin de willekeur centraal staat.

De belofte van herstel is echter voor iedere opnieuw geboren en Geestvervulde christen die zich in geloof en vertrouwen ernaar uitstrekt. Waar dit geloof tekort schiet, zal dit in de gemeente door de broers en zussen ondersteund en opgebouwd worden.

>>>>>