De sleutels van het Koninkrijk van de hemelen

  • ‘En Jezus zei: Ik zal u de sleutels van het Koninkrijk van de hemelen geven; en wat u bindt op de aarde, zal in de hemelen gebonden zijn; en wat u ontbindt op de aarde, zal in de hemelen ontbonden zijn’ (Matth.16:19).

Dé sleutel: Jezus is Heer! 

De eerste sleutel van het Koninkrijk van de hemelen gaat over de betekenis van de Heer Jezus Christus. In Colossenzen 1:15-20 wordt duidelijk en exact gezegd wie de Mensenzoon is: ‘Hij is het beeld van de onzichtbare God’ (en geen ‘1/3e deel van een verzonnen drie-eenheid). God de Vader, de Schepper van hemel en aarde, is onzichtbaar. Maar wie de Zoon gezien heeft, heeft de Vader gezien. De Zoon openbaart Zich in de evangeliën. Jezus bevrijdt gebondenen, geneest zieken, vergeeft zonden en wekt zelfs doden op. In het boek Handelingen staat:

  • ‘Jezus uit Nazareth is met Gods Geest gezalfd en met kracht bekleed. Hij trok als weldoener door het land en genas iedereen die in de macht van de duivel was, want God stond Hem bij’ (Hand.10:38).

Sinds Jezus Christus onder mensen geleefd heeft, kan men nooit meer zeggen dat God ziekte en dood veroorzaakt. Zijn Zoon kwam om zieken te genezen en de doden op te wekken en Hij deed precies wat de Vader wilde dat Hij doen zou. Daarom was God ook met Hem. De hoogste tijd dus voor de Bijbelbelten en Rome, om hun geliefde Catechismus en aflaten bij het grof vuil te storten! ‘Hij is de eerstgeborene uit de doden, zodat Hij onder alles de eerste is geworden’ (Col.1:18). In deze woorden zit een belofte. Als er een begin is, is er ook een einde. Dit bestaat hieruit dat mensen als Jezus Christus zullen zijn. Zij zullen op Hem lijken, vervuld met dezelfde Geest en gezindheid van God. Zij volgen het voorbeeld van de Eerstgeborene. Zij gaan net als Hij, demonen uitdrijven, zieken genezen, zonden vergeven en doden opwekken. Dit is heel wat anders dan de kerkelijke dwaling dat mensen slechts een stofje aan de weegschaal zijn, deurmatjes en drempelzitters, onbetekenend en alleen maar tot kwaad geneigd. Er is een heerlijke toekomst weggelegd voor opnieuw geboren kinderen van God. Die toekomst is nú al begonnen.

‘Het bloed van Jezus, zijn Zoon reinigt ons van alle zonde’ (1 Joh.1:7).

Jezus is uniek. Door zijn offer aan het kruis van Golgotha heeft Hij de weg vrijgemaakt naar het hart van de Vader. Jezus Christus is de enige weg, de exclusieve Bemiddelaar. Niemand anders kan de mensen tot de Vader brengen. Niets anders dan het bloed van de Zoon van God, kan hun schuld bedekken. Deze waarheid rekent af met de dwaling dat Maria, de moeder van Jezus, mede-verlosseres zou zijn. En met de gedachte, dat men door wettische inspanning en goede werken het eeuwige leven zou kunnen verdienen. Dit is een grote dwaling. In Jezus Christus is de liefde en de barmhartigheid van de Vader te zien. Hij maakt Zijn genade bekend. Alleen door het geloof in de Zoon van God ontvangt men de zegeningen en beloften van de Vader. Jezus getuigde van zichzelf: ‘Ik ben de weg en de waarheid en het leven; niemand komt tot de Vader dan door Mij’ (Joh.14:6).

Sleutel: God is enkel goed

In het Nieuwe Testament staat het verhaal van ‘de rijke jonge man’. Deze man vraagt aan Jezus:

  • ‘Goede meester, wat moet ik doen om het eeuwige leven te ontvangen?’ Jezus antwoordde: ‘Waarom noemt u mij goed? Niemand is goed, behalve God’ (Marcus 10:17,18). God is een enkel goede God.
  • In 1 Johannes 1:5 lezen we: ‘God is licht, er is in Hem geen spoor van duisternis’.

Nooit bekeerde theologen zonder Bijbels Fundament (allen) leren het omgekeerde. Ze spreken over een wrekende en straffende God. Ze schrijven boeken vol over de ‘toorn van God’. Men vraagt zich nooit af hoe God, met Zijn liefde en goedheid, tóch met de toorn en wraak verbonden is. Zij schrijven aan God de duisternis toe, hoewel de Bijbel leert dat in Hem geen duisternis te vinden is. De apostel Jacobus schrijft ook, dat niet het kwade maar het goéde van God komt. Hij bestrijdt de dwaling dat God ziekte en rampen naar deze wereld zou sturen. In Jacobus 1:16 en 17 staat: ‘Geliefde broers en zusters, vergis u niet: elke goede gave, elk volmaakt geschenk komt van boven, van de Vader van de hemellichten; bij hem is nooit enige verandering of verduistering waar te nemen’. Ook deze apostel verbindt de Vader met het licht en heel duidelijk niét met de duisternis.

Sleutel: De duivel is enkel slecht

Waar komt het kwaad vandaan? Het is duidelijk dat dit een vraag is met verstrekkende gevolgen. In de Bijbel staat duidelijk dat Jezus die mensen genas die in de macht van de duivel waren (Hand.10). Talloze blinden, doven, verlamden en melaatsen werden door onze Heer genezen. Noch voor Jezus, noch voor de leerlingen, was het een vraag wie de veroorzaker van deze ellende is: ‘De Zoon van God is dan ook verschenen om de werken van satan af te breken.’ Johannes wijst op de oorsprong, de bron en het begin van het kwaad: ‘want de duivel heeft vanaf het begin gezondigd’ (1 Joh.3:8). Daarom is de strijd tegen de zonde in de eerste plaats een strijd tegen de verwekker en auteur van het kwaad. In Johannes 10:10 staat de volgende bekende uitspraak van Jezus van Nazareth (Joh.10:10): ‘Een dief komt alleen om te roven, te slachten en te vernietigen, maar Ik ben gekomen om hun het leven te geven in al zijn volheid’. Vanzelfsprekend wordt met ‘een dief’ de duivel bedoeld!

Sleutel: De mens is goed en zonder zonde geschapen

Er zijn tegenstrijdige mensbeelden in omloop. Een aantal van hen zijn onterecht op Bijbelse uitspraken gebaseerd. Zo is er een visie die er vanuit gaat dat de mens een totaal verdorven schepsel is, ongeschikt tot enig goed werk (alweer de catechismus)! Theologen gebruiken dan o.a. het woord erfzonde, d.w.z.: de mens is een geboren zondaar, dus in de wieg ligt al een klein duiveltje. Deze visie maakt het dan ook noodzakelijk de pas geborene zo snel mogelijk te besprenkelen… De woorden erfschuld en erfsmet zijn echter nergens in de Bijbel te vinden…

Maar de Bijbel is niet altijd positief over de mens. De volwassen mens (en geen baby!) is eeuwen geleden helaas misleid door de zeer geraffineerde satan. Daarom het trieste gevolg:

  • ‘Iedereen heeft gezondigd en ontbeert de nabijheid van God’ (Rom.3:23).
  • ‘Er is geen mens rechtvaardig, zelfs niet één, er is geen mens verstandig, er is geen mens die God zoekt. Allen hebben ze zich afgewend, heel de mensheid is verdorven geworden. Er is geen mens die nog het goede doet, er is er zelfs niet één’ (Rom.3:10-12).

Paulus spreekt hier niet over een aangeboren erfzondeleer. Wél zegt de apostel dat niemand standaard rechtvaardig is. Hij bedoelt daarmee dat alle mensen verlossing, schuldvergeving en redding nodig hebben. Dit alles kunnen zij alleen door het geloof in de Zoon van God, krijgen. Paulus voert hiervoor niet het begrip ‘erfzonde’ in. Hij zegt eenvoudig: ‘Allen hebben ze zich afgekeerd, er is geen mens die nog het goede doet’. Men wordt of is een zondaar doordat men zondigt of gezondigd heeft (en niet door geboorte). Wanneer de zonde standaard bij de mens zou horen, kan de mens er ook niet van verlost worden. Dan blijf je zondaar tot de dood. Maar dat zegt Paulus niet. Hij zegt: ‘Wij zijn dus als rechtvaardigen aangenomen op grond van ons geloof en leven in vrede met God, door onze Heer Jezus Christus’ (Rom.5:1). Ieder die op Jezus Christus vertrouwt, wordt niet langer zondaar, maar rechtvaardige genoemd. Petrus zegt hetzelfde: ‘Maar u bent een uitverkoren geslacht, een koninkrijk van priesters, een heilige natie, een volk dat God zich eigen gemaakt heeft om de grote daden te vertellen van Hem die u uit de duisternis heeft geroepen naar zijn wonderbaarlijke licht’ (1 Peter 2:9).

David, de koning van Israël. Verwekt door overspel van zijn ouders

De duivel wil dat alle kerkgangers klein over zichzelf denken (iets wat hem goed afgaat). Koning David had echter een beter inzicht in het wezen van de mens. David kende als geen ander de morele zwakheid en de lichamelijke kwetsbaarheid van de mens. Maar hij keek naar de goedheid van Zijn Schepper en kom daardoor in Psalm 8 de vraag stellen:

  • ‘Wat is dan de sterveling dat u aan hem denkt, het mensenkind dat u naar hem omziet?’
  • En het antwoord was: ‘Toch hebt U hem bijna goddelijk gemaakt en hem gekroond met glans en glorie’.

Mensen zondigen omdat de wereld in de macht van de satan is. Jezus noemde de duivel ‘de overste van de wereld’ (Joh.14:30). Johannes schreef in 1 Johannes 5:19: ‘We weten dat wij uit God voortkomen, terwijl de hele wereld in de macht is van hem die het kwaad zelf is, de satan’. De satan heeft met zijn demonen de wereld nog in zijn greep. Elke baby die geboren wordt, komt met zijn innerlijke mens in contact met deze demonen. Hierdoor ontstaat een geestelijke infectie. Deze infectie is onzichtbaar, maar de zichtbare symptomen zijn goed te zien. Zo wordt de mens nutteloos en een zondaar. Door Jezus Christus komt de men los uit de greep van satan en mag hij het machtsgebied van God binnen gaan, het Koninkrijk van God.

Strijden tegen het kwaad

De vijand van God en mens zal alles doen om allereerst de mens te verhinderen het Koninkrijk van God binnen te gaan. Daarom is het ook moeilijk om mensen tot geloof te brengen. Is de mens eenmaal binnen gegaan, dan zal het rijk van satan alles op alles zetten om die mens weer terug te trekken in zijn duivelse invloedssfeer. Daarom waarschuwt Paulus:

  • ‘Trek de wapenuitrusting van God aan om stand te kunnen houden tegen de listen van de duivel…. Neem daarom de wapens van God op om weerstand te kunnen bieden op de dag van het kwaad, om goed voorbereid stand te kunnen houden’ (Efeze 6:11,13).

Deze wapenuitrusting bestaat allereerst uit de Bijbel, het woord van God (vooral het Nieuwe Testament wat alleen Jezus Christus ons openbaarde). Tegenover de leugens van satan staat de waarheid van God. Opnieuw geborenen, die gedoopt zijn met Gods Geest, hebben macht om in Jezus’ naam de bolwerken van satan te vernietigen. Door deze strijd groeien zij op tot strijder en overwinnaar. Deze kinderen van God dragen bij aan het herstel van de schepping die nu nog ziek en beschadigd is. Een mens is daarom géén fiasco: ‘Want Hij heeft ons gemaakt tot wat wij nu zijn: in Christus Jezus geschapen om de weg te gaan van de goede werken die God heeft voorbereid’ (Efeze 2:10). Deze nieuwe mens heeft de opdracht om goede werken te doen. Dat zijn de werken die ook Jezus deed. De zonen van God mogen Gods medewerkers zijn, naar het plan van God de Vader.

Sleutel: De gemeente van God

Er zijn genoeg mensen die ergens in geloven maar het belang van de gemeente niet inzien. Zij denken dat zij thuis (zonder gemeente) God evengoed kunnen dienen. Ze bidden, lezen de Bijbel, luisteren naar preken en bekijken kerkdiensten via een Christus vijandige staatspropaganda. Men spreekt zelfs over een elektronische kerk. Er zijn zelfs nooit bekeerde Tv-dominees zonder Bijbels Fundament, die met hun dwalingen mensen aan de buis binden en naar het verderf sturen.

Paulus zegt over de gemeente:

  • ‘dat de heidenen mede-erfgenamen zijn en bij hetzelfde lichaam horen en samen deelgenoot zijn van Zijn belofte in Christus, door het Evangelie’ (Efeze 3:6).
  • ‘Zo zal nu door de gemeente de wijsheid van God in al haar schakeringen bekend worden aan alle vorsten en heersers in de hemelse gewesten’ (Efeze 3:10).

Het eeuwig evangelie is voor de heiden én Jood. Samen zullen zij (in de gemeente) alle facetten van Gods wezen zichtbaar maken. In de gemeente wordt gewerkt aan de realisering van het plan van God met de mens. Zij streven er naar om ’te onderwijzen, dwalingen en fouten te weerleggen en om op te voeden tot een deugdzaam leven, zodat een dienaar van God voor zijn taak berekend is en voor elk goed doel volledig is toegerust’ (2 Tim.3:16,17). De duivel heeft miljoenen mensen beschadigd. Er kunnen verslavingen, gebondenheden, misvormingen, dwalingen en ziekten zijn. Door de kracht van het Woord en Gods Geest kunnen mensen herstellen door wonderen.

Vanzelfsprekend maakt God ook gebruik van de geestelijke gaven die Hij aan de meer gevorderden van zijn kinderen heeft gegeven. Zo zijn er allerlei vormen van geestelijke en pastorale zorg in de gemeente voorhanden. De satan heeft nog veel macht. Miljarden kennen God nog niet als de liefdevolle Vader en dienen bewust (maar ook heel vaak onbewust) de machten van de duisternis. Voor zijn hemelvaart gaf Jezus een geweldige opdracht aan zijn apostelen:

  • ‘Ga dus op weg en maak alle volken tot mijn leerlingen, door hen te dopen in Mijn naam en hun te leren dat ze zich moeten houden aan alles wat Ik jullie opgedragen heb’ (Matth.28:19,20).
  • De gemeente gaat er op uit: ‘Als het goede nieuws over het koninkrijk in de hele wereld wordt gebracht als getuigenis voor alle volken, zal het einde komen’ (Matth.24:14).

In de gemeente worden de krachten en andere mogelijkheden gebundeld. De satan vreest de gemeente van God. Daarom zal hij steeds weer alles op alles zetten om haar te verdelen en haar activiteiten te verlammen. Jezus reikt ons de sleutels van het koninkrijk van de hemelen aan. Wij willen alleen deze sleutels hanteren. In Johannes 4:23 staat: ‘Maar er komt een tijd en die tijd is nu gekomen, dat wie de Vader echt aanbidt, hem aanbidt in geest en in waarheid. De Vader zoekt mensen die hem zo aanbidden’. De Vader zoekt niet de aanbidding, maar de aanbidders, de mensen die Hem liefhebben. Mensen die dezelfde Geest en intentie bezitten als Hij. Wij willen niet anders dan in de bijeenkomsten de Vader prijzen en aanbidden, vanwege zijn onmetelijke goedheid en liefde:

  • ‘God, door wie u geroepen bent om één te zijn met zijn Zoon Jezus Christus, onze Heer, is trouw’ (1 Corinthiërs 1:9).