Reïncarnatie

Wij kregen de vraag:

  • ‘Voor mij is het nog steeds een probleem of reïncarnatie wel of niet Bijbels is. Moet de gedachte aan reïncarnatie worden afgewezen ondanks bewijzen of gaat het er meer over ons niet bezig te houden met vroegere levens, omdat voor ons alleen vandaag en de toekomst belangrijk zijn?’

Een journaliste had een gesprek met een opgewekte moderne vrouw, echtgenote en moeder van twee tieners. Uiterst plezierig om mee te praten. Ze werkt in het onderwijs en heeft psychologie gestudeerd. Ze leeft uit een sterke verbondenheid met God. Je zou zeggen: ‘die kan geen kwaad meer doen!’ Maar wat die lerares leert en gelooft, blijkt uit de manier waarop ze anderen helpt bij innerlijke conflictsituaties:

  • ‘Die blokkades kunnen volgens haar niet alleen liggen in het huidige leven van de mens, maar ook in vorige levens. Reïncarnatie is voor haar een vanzelfsprekende werkelijkheid. De ziel van de mens, het wezen van de mens, zoekt telkens weer een nieuw stoffelijk lichaam als mantel om daarin verder te leven en te groeien…’

Opnieuw geboren worden

De leer van de reïncarnatie is een surrogaat van het christelijk begrip ‘opnieuw geboren worden’. Maar dit gebeurt niet ‘door het levende en blijvende woord van God’ in de geestelijke wereld, maar door de ‘vleeswording’ van een eerdere geest van een mens in een ander natuurlijk lichaam. Deze leer komt uit het hindoeïsme en het boeddhisme. Het hindoeïsme gaat er vanuit dat de ziel bij het sterven het lichaam verlaat en door eerder opgedane ervaringen bij de hand wordt genomen. Zoals een rups aan de spits van een blad gekomen een ander blad grijpt, zo haalt de ziel een nieuw begin naar zich toe. Telkens incarneert zij zich in een nieuw lichaam. Zo doorloopt een mens een kringloop van existenties of bestaansvormen.

Demonen aanbidding

Het boeddhisme gelooft niet in een individuele ziel, maar leert de reïncarnatie van het ‘karma’. Dit is de automatische ‘gerechtigheid’ die over de dood heen reikt. Het is de daad van de mens met haar gevolgen, die de kringloop, het rad van de geboorten voortbeweegt. Bij het sterven wordt het bestaan van de mens gewogen en het resultaat ervan beheerst het volgende leven. Was het leven goed, dan incarneert de ziel (zielsverhuizing) of het karma in een hogere staat in deze wereld. Heeft men slecht geleefd, dan zinkt de ziel naar een diepere staat. Het karma is de som van iemands daden, die de opeenvolgende existenties bepaalt. Het is dus een soort erfzondeleer die niet van ouder op kind gaat (zoals de Bijbelbelten leren!) maar van Incarnatie naar Incarnatie.

Nirwana

Door deze kringloop kan een mens ook terugkeren in een dier, plant of ding, want alles is volgens dit pantheïstisch dogma bezield. Het einde van deze troosteloze veranderingen is het nirwana, een toestand van geest en gemoed waarin de wil om te leven is uitgedoofd en daarmee ook elke hartstocht, verlangen, begeerte, vrees, boze neiging en elke pijn verdwenen is. Door de uitputting van het karma bereikt men dus de vernietiging van het bestaan. Die doorbreekt uiteindelijk de troosteloze kringloop van de nieuwe geboorten. De reïncarnatieleer is dus een vijand van het leven en daarmee antichristelijk. De wil om eeuwig te leven is in dit dogma een zelfzuchtige en egoïstische neiging.

Parinirwana. De algehele vernietiging van de mens

De hoogste zaligheid is de parinirwana, de ‘algehele’ vernietiging. Een zielenslaap in alle eeuwigheid. Ieder mens moet zijn nieuwe geboorte zelf realiseren door zijn wil om te leven, uit te doven. Hij wordt dan zuiver spiritueel zonder enige emotie, wil of drang tot handelen. Om nog een vergelijking te maken: ‘Reïncarnatie is als een kip die voortkomt uit het ei dat ze zelf heeft gelegd…’

Helaas zien veel mensen niet hoe deze satanische leugen werkt. De reïncarnatieleer is een loochening van de fundamentele waarheden van het christelijk geloof. Er is geen plaats voor dood, dodenrijk en paradijs. Jezus heeft dus ook geen dood en dodenrijk kunnen overwinnen. Niemand kan door een ander verlost worden, niet door God en ook geen heilige. Het karma is een buiten God werkende kracht die haar sterkte in de mens zélf heeft. Men moet een soort eigen verlossing realiseren zoals ook de heidenen doen met hun dode werken. Wanneer een beroep gedaan wordt op Mattheüs 12:24,28 om allerlei occulte handelingen te verdedigen, moet men deze teksten eerst maar eens goed lezen. Jezus verloste de mensen door demonen uit te drijven, want zelf waren de overweldigden hiertoe niet in staat. Zo kwam het Koninkrijk van God met zijn vrede, gerechtigheid en blijdschap over hen.

‘O, niets te zijn, gans niets te zijn…?’

In Hebreeën 9:27 staat dat de mensen eenmaal moeten sterven. Het Griekse woord ‘hapax’ sluit elke herhaling uit. De reïncarnatiegedachte kent geen Jezus Christus als Redder van mensen, die ons tekort betaalde en ons met God verzoende, want dit is onverenigbaar met het karma. Het karma kent geen eeuwig leven. Haar aanhangers kunnen het afschuwelijke kerklied zingen: ‘O, niets te zijn, gans niets te zijn…’ Hun toekomstverwachting sluit uit dat de mens naar het beeld van God is geschapen en dat hij deze koninklijke gestalte door een ontwikkelingsproces ook zal bereiken, want Jezus is gekomen om veel zonen en dochters tot heerlijkheid te brengen (Hebr.2:10). De duivel wil echter niets liever dan dit beeld uitwissen en vernietigen. Zij die de naam van Christus met de reïncarnatieleer verbinden, hebben geen besef van het ware christendom dat zijn burgerschap in de hemelen heeft. Het christendom is een wandelen in het licht, maar de reïncarnatietheorie brengt de mens in de afschuwelijke sfeer van de demonen; het dodenrijk.

Marguerite Gillot

Marguerite Gillot (overleden 2008) schreef het boek: ‘Op de drempel van het onzichtbare’. Ze had de geestelijke machten verzocht om door te mogen dringen in haar verleden. Haar ‘gebed’ werd verhoord:

  • ‘Ik heb toen de bijzonder onaangename verrassing gehad het schavot te beklimmen. Het was opgericht op een bloedrood podium van ruwe planken, dat zich in het midden van een groot, slecht geplaveid plein bevond. Op het podium stond een poortje, met bovenin een grote valbijl die door een beugel werd vastgehouden, waarlangs zij moest glijden… Een ogenblik later hoorde ik de valbijl met een afschuwelijk knarsend geluid naar beneden vallen op mijn nek, die werd doorgesneden. Dit alles ging zo snel in zijn werk, dat ik niets anders voelde dan het koude lemmet dat mijn nekspieren doorsneed. Ik leed niet en had geen pijn; maar ik zag daadwerkelijk mijn hoofd op de vloer van het platvorm vallen vóór mijn geknielde lichaam en vandaar weg stuiten op het plaveisel beneden…’

Hypnose en reïncarnatie

Een psycholoog psychotherapeut schrijft op zijn website over ‘Hypnose als therapie’. Door hypnose drong hij door tot het onderbewustzijn van een patiënt om de niet verwerkte emoties uit de kinderjaren naar boven te brengen. Dit bleek niet altijd voldoende en hij ging zelfs terug tot prenatale ervaringen, dus van vóór de geboorte:

  • ‘De nieuwste ontwikkeling is dat je terug kunt gaan naar vorige levens. Onder hypnose is het dan mogelijk in theorie terug te gaan naar die betreffende incarnaties’.

Bij de Staatspropaganda werden bij vier vrouwen (die onder hypnose waren gebracht) gedetailleerde situaties gegevens over hun vorige leven; vijftig tot tweehonderd jaren geleden op plaatsen waar ze in hun huidige leven nog nooit waren geweest. In deze documentaire sprak een dame onder hypnose vloeiend Frans, terwijl ze deze taal niet beheerst. Deze personen werden dus in een hypnotische toestand gebracht om achter het geheim van de reïncarnatie te komen. Een occulte daad was nodig om een heidens dogma te bewijzen. De wortel van hypnose is immers:

  • ‘Het zich met de innerlijke mens stellen ónder een autoriteit.’

De hypnotiseur wordt de god, de overheersende en leidinggevende macht. De gehypnotiseerde komt in een overgave die hem een infantiele belevingstoestand geeft. Zoals een zuigeling afhankelijk van zijn moeder is, beleeft de gehypnotiseerde zijn verbondenheid met de hypnotiseur. Hij verliest grotendeels zijn identiteit en volgt vrijwel klakkeloos de suggesties en aanwijzingen van de ‘leider’. Het beeld van God verdwijnt en zijn levenshuis wordt een invalspoort voor de demonen. De waarzeggende geesten en de leugengeesten krijgen vrij spel. De gehypnotiseerde wordt het medium voor de hypnotiseur om hem met de geesten van doden in aanraking te brengen. Dit verklaart ook de gave van de clairvoyance (helderziendheid) bij zulke gehypnotiseerde personen.

De Bijbel wijst dit verlies van menselijke waardigheid van de hand, want de apostel schrijft aan de charismatisch begaafde leden van de gemeente te Corinthe, dat de geesten van de profeten aan de profeten zelf zijn onderworpen (1 Cor.14:32). Zij moeten altijd met hun menselijke geest de situatie kunnen beheersen, ook zelfs al zouden zij in extase komen. Niet de geest van de persoon die in een magnetische slaap verkeert, verplaatst zich, maar wel de demon. Wanneer zo’n gehypnotiseerde dan in ‘vreemde talen’ spreekt, gebeurt dit zoals de boze geest het medium geeft uit te spreken!

Dwalingen uit de afgrond van het dodenrijk

De laatste tijd is veel over reïncarnatie geschreven. De voorbeelden in dit artikel tonen aan hoever men gezonken is. Men kan op allerlei websites lijsten vinden van boeken, die de lezers verder op het duistere pad kunnen brengen. Het kopje boven één van die lijsten luidde: ‘Om te lezen…’. De apostel Paulus zou erboven gezet hebben:

  • ‘Om te verbranden’! Want onder hen waren ook velen die aan magie hadden gedaan, maar die nu hun boekrollen verzamelden en publiekelijk verbrandden’ (Hand.19:19).

Dit is nog eens een progressieve daad!