
U kent het wel: wij schieten het luchtruim in om de Heer ergens in een of ander geografisch punt te ontmoeten. Hierover zijn films en documentaires gemaakt die bij duizenden verspreid werden. Jezus staat dan op een stratocumulus ongeveer 2.000 meter hoog, terwijl christenen uit het dorpje beneden, naar boven liften. Sommigen zijn een paar meter van de aarde verwijderd, anderen zijn al halverwege de wolk. Een on-Bijbelse voorstelling, die toch door velen als waarheid wordt geloofd! Hoe is deze theorie ontstaan?
Irvingianen
Irvingianen zijn ook bekend als de Katholiek-Apostolische Kerk. De Britse encyclopedie schrijft over Edward Irving en de ruzie over zijn leringen in Schotland en in Engeland in het begin van de 19e eeuw. Hij werd geëxcommuniceerd en in 1833 als predikant afgezet door het Londens Presbyterium vanwege zijn uitspraken over ‘het zondige in de menselijke natuur van Christus’. Irving sprak ook over de opname van de gemeenten, nadat een jong Schots meisje, Margaretha MacDonald, in geestvervoering raakte en een visioen doorgaf. Zij zag dat de heiligen bij de terugkeer van Jezus de aarde vóór de grote verdrukking zouden verlaten. Zij kreeg dit gezicht in de lente van 1830, toen ze in Port-Glasgow, Schotland, woonde. Deze ‘openbaring’ kan men vinden in een boek dat geschreven werd door R.N. Norton en dat in 1861 in Londen werd uitgegeven.
Menselijke uitvinding sinds 1830

Vóór deze tijd had de kerk altijd gezegd, met een beroep op de leer van de apostelen, dat Jezus’ gemeente, overwinnend door de grote verdrukking heen zou gaan. Vóór 1830 werd er nooit beweerd dat de gemeente ontkomen zou aan die strijd.
Op 30 april 1831 had Mevrouw J.B. Cardale, die zich later bij de Irvingianen voegde, tijdens een huissamenkomst een persoonlijke openbaring, waarin zij het visioen van Margaretha MacDonald over een ‘wegwezen’ vóór de grote verdrukking herhaalde. Vanaf dat moment werd deze veronderstelde en aanvechtbare openbaring voor waar dogma aangenomen. Dit dogma was dus niet gebaseerd op de Bijbel, maar kwam voort uit een valse profetie. Edward Irving accepteerde deze leer en overal werd deze leer tijdens de ‘profetische’ bijeenkomsten te Powerscourt in Ierland onderwezen, vergaderingen die door de organisator van de Plymouth Brethren (vergadering van gelovigen), John Darby, werden bijgewoond. De inzichten van Irving werden door Darby, C.R. Mackintosh en Cl. Scofield overgenomen.
Scofield

De Scofieldbijbel populariseerde in zijn (aparte kanttekeningen) deze dwaling. Darby, Scofield en Clarence Larkin met zijn profetische kaarten begonnen deze nieuwe theorie te onderwijzen en al vroeg in de 19e eeuw was zij zeer populair. Toen aan het begin van de 20e eeuw de pinksterbeweging opkwam, accentueerde Gods Geest ook de waarheid dat de Heer terug zou komen. Maar bij de Pinksterbeweging ontbrak het aan een visie op de bijzondere gebeurtenissen van de verschijning van Jezus Christus. Zij namen daarom domweg over wat de aanhangers van de Bedelingenleer leerden in verband met het visioen van Margaretha MacDonald.
Een verschrikkelijke dwaling
Het boek van Larkin met zijn profetische kaarten zijn alle gebaseerd op de opnametheorie. In dit leerboek waren paragrafen opgenomen, waarin de uitstorting van Gods Geest en het spreken in talen voorgesteld werd als een demonische zaak. Onbegrijpelijk hoe hoe deze mensen – die zo met de komst van Jezus bezig waren – konden beweren dat de doop met Gods Geest van satan was. De aanhangers van de Bedelingenleer betitelen de doop met Gods Geest zelfs als de ‘laatste doodssnik van de hel’. Dat de aanhangers van de Pinksterbeweging deze ‘beoordeling’ zonder meer negeren en zelfs het dogma van de tijdperkenknippers overnemen, laat zien hoe groot Babylon is. De opnametheorieën vormen dan ook een verschrikkelijke dwaling.