
Ontmoeting in de lucht
De hemelvaart van onze Heer Jezus heeft alles te maken met Zijn terugkomst, denkend aan het feit dat Jezus ‘op dezelfde manier’ zal terugkeren als Hij heengegaan is. Bij zijn hemelvaart werd Jezus omringd door een ‘wolk van heiligen’, die door de dood en het dodenrijk al waren teruggegeven (Ef.4:8). Bij zijn terugkomst zullen opnieuw ‘veel heiligen’ opstaan, namelijk zij die in Christus gestorven zijn. Met hun hemels lichaam, hun eeuwig huis, namen zij hun intrek bij de Heer. Zij zijn nu in de heilige stad en vormen daar de tempel van God. Bij de terugkomst vergezellen de gestorvenen Jezus naar het domein van de lucht, dat is de geestelijke wereld die bij de aarde hoort. Zij worden begeleid door hun engelen onder de strijdbare aartsengel Michaël. Zij komen dan in de geestelijke wereld die met ‘lucht’ wordt aangeduid, waar het hoofdkwartier van ‘de overste van de macht in de lucht’ is (Ef.2:2). In 1 Thessalonicenzen 4:17 wordt gesproken van ‘een ontmoeting in de lucht.’ Voor een ontmoeting in de lucht hoeft men niet omhoog te stijgen. Daarom is de ‘lucht’ juist zo’n duidelijk voorbeeld van een geestelijke wereld, die de mens omringt en wil binnen dringen.
De val van de troonengel

Toen de duivel uit de hemel van het Koninkrijk van God geworpen werd, viel hij op de aarde (Jes.14:12; Ez.28:14). In de onzichtbare wereld vormde hij daar zijn koninkrijk in de ‘lucht’, omdat de mens zijn macht en heerlijkheid aan hem had overgegeven (Lucas 4:6). Vanwege de eerste mens, Adam, is de aarde vervloekt, dat is prijsgegeven aan de boze geesten in de lucht.
- ‘Want de schepping is aan de vruchteloosheid onderworpen, niet vrijwillig, maar om hem (Adam), die haar daaraan onderworpen heeft’ (Rom.8:20).
De duivel vervuilt deze geestelijke wereld die bij de mens hoort, met als gevolg dat de mens dood is in zonden en misdaden. Zijn geestelijk lichaam kan zich niet ontwikkelen. Vergelijk het met een ongeboren kind in de duisternis van de schoot van zijn moeder.
Opnieuw geboren

Door opnieuw geboren te worden ontvangt het geestelijk lichaam echter het levenslicht en komt het Koninkrijk van God in de mens. Midden in de duisternis schijnt nu het licht in zijn hart, zodat vervuld wordt:
- ‘Zodat u zuiver en smetteloos bent, onberispelijke kinderen van God te midden van een verdorven en ontaarde generatie, waartussen u schittert als sterren aan de hemel’ (Fil.2:15).
Bij de terugkomst komen met Jezus ook de gestorvenen in de lucht. Zij ontwaken dan, dat wil zeggen dat zij weer op aarde gaan functioneren. Hun hemels lichaam bezit zo’n grote kracht, dat het tot een stoffelijk lichaam kan worden omgevormd. Zij hebben dan vlees en botten zoals de mensen die nu bezitten. Het bewijs van hun opstanding ligt dus in het feit, dat zij aan mensen op aarde kunnen verschijnen. De verschijningen van de heiligen, waarvan Mattheüs 27:53 spreekt, houden een geweldig mooie belofte in voor de toekomst. Jezus zal dan met hen, die al gestorven zijn, in heerlijkheid aan de gelovigen die bij zijn terugkomst nog op aarde leven, verschijnen.
Een serieuze waarschuwing

In 1 Thessalonicenzen 5 schrijft de apostel over ‘de tijden en gelegenheden’ in verband met de ‘Dag van de Heer’, dat is die van zijn terugkomst. De tijden en tijdstippen zou men kunnen vergelijken met de afstanden op een weg en de kilometerpalen, die telkens nieuwe trajecten markeren. Ze duiden dus een ‘volheid van de tijd’ aan. Jezus vertelde zijn leerlingen, dat de hemelse Vader de bepaling ervan aan Zich heeft voorbehouden (Hand.1:7). Het is echter niet zo, dat God een kalender zou hebben, waarop de data van de komende gebeurtenissen gefixeerd zijn, want ‘Hij verandert tijden en uren’ (Daniël 2:21).
De kostbare vrucht van het land

De Vader is als de Landman, die wacht op de kostbare vrucht van het land en die geduld heeft, totdat de vroege en late regen hun werk hebben gedaan (Jac.5:7). Als het evangelie van het Koninkrijk van de hemelen over de hele wereld verspreid zal worden en de uitstorting van de Geest van God in de laatste tijden zal toenemen, zal de gemeente tot volwassenheid komen: ‘Wanneer de vrucht rijp is, laat Hij er direct de sikkel in slaan, omdat de oogsttijd aangebroken is’ (Marcus 4:29). In het Nieuwe Testament is de Dag van de Heer die van Christus. Zo heeft de oude Statenvertaling in 2 Thessalonicenzen 2:2 in verband met de terugkomst van de Heer op grond van enkele handschriften de Dag van Christus staan in plaats van de Dag van de Heer.
Een ontrouw naamchristendom

Hij wordt ingeluid door de ontrouw van het naamchristendom, een val uit de hemelse gewesten. Veel ‘sterren van de hemel’ worden dan op aarde geworpen (2 Thess.2:3; Op.6:13). Zij vormen dan de ‘antichristenen’, die geleid en geïnspireerd worden door het ‘beest uit de zee en de aarde’ (1 Joh.2:18-23; Op.13:1; 11-18). Bij de terugkomst van de Heer zullen de zonen van het licht en de zonen van de dag geopenbaard worden, maar de ontrouwe christenen horen bij de nacht en de duisternis:
- ‘Want zij die slapen, slapen ‘s nachts en die zich bedrinken zijn ‘s nachts dronken’ (1 Thess.5:7).
- ‘En ik verbaasde mij met grote verbazing. En de engel zei tegen mij: Waarom verbaast u zich? Ik zal u het geheim vertellen van de vrouw en van het beest dat haar draagt, dat de zeven koppen heeft en de tien horens’ (Op.17:6b,7).
Mensen die slapen zijn niet aanspreekbaar. Men kan met hen niet meer communiceren. De zonen van het licht hebben dan ook geen enkele contact meer met een ontrouw geworden kerkvolk. Zo sliep ook het volk Israël bij de eerste komst van de Heer. Het was zo blind en doof, dat het geen signalen uit het Koninkrijk van God meer kon opvangen. God kon maar tot een kleine groep gelovigen, die de verlossing voor Jeruzalem verwachtten, spreken. Zo ontving Simeon een godsspraak, dat hij de dood niet zou zien, voordat hij Jezus Christus gezien had. De profetes Anna herkende het kind Jezus, toen het de tempel werd binnengebracht. Deze gelovigen vormden toen de zonen van het licht en die van de Dag.
De leiders echter onderscheidden alleen maar de tekens aan het uitspansel. Hun hart was afgesloten voor de geheimen van het Koninkrijk van de hemelen. Daarom was de Dag van de Heer voor hen niet de dag van de verlossing. Verdrietig riep Jezus tijdens zijn intocht in Jeruzalem uit:
- ‘Had ook jij op deze dag maar geweten wat vrede kan brengen! Maar dat blijft voor je verborgen, ook nu’. Zij hadden de Dag niet opgemerkt, dat God naar hen omzag (Lucas 19:42-44).
De geschiedenis herhaalt zich
Bij de tweede komst van Jezus zal deze geschiedenis zich wereldwijd herhalen. Ook dan zal geconstateerd worden, dat Hij gekomen is voor de zijnen en dat deze Hem niet hebben aangenomen. Zij slapen, omdat hun wandel niet in de hemel van het rijk van God is. De apostel vergelijkt hen met degenen die hun roes uitslapen. Geestelijk zijn zij niet meer te bereiken. Opnieuw geboren christenen kunnen geen enkel contact meer met deze slapers krijgen. Wanneer iemand slaapt, staat zijn geestelijke ontwikkeling stil. Hij kan niet leren en zich niet voorbereiden voor het maatschappelijke en culturele leven. De geestelijk slapenden kunnen wel de tekens in de natuurlijke wereld opmerken: hongersnoden, aardbevingen, milieurampen, zedelijke achteruitgang en pandemieën, maar zij zijn blind en doof voor de tijden en tijdstippen die geopenbaard worden vanuit de hemelse gewesten. Tot zulke ongeestelijke christenen komt de oproep: ‘Ontwaak, jullie die slapen en sta op uit de doden en Christus zal over u lichten’. Velen ontwaken echter niet, want zij worden uiteindelijk misleid door de geest van de antichrist, die voor hen de politieke en kerkelijke problemen zo zal oplossen, dat ze zullen zeggen: ‘Het is alles vrede en rust’. Overheden en ook de media roepen constant: ‘Wij hebben een brede welvaart en zijn supergelukkig’. Dat er nog heel veel ellende is, wordt nooit genoemd. Het eigen geweten is hierbij dichtgeschroeid. Zij zien immers geen uitwijkmogelijkheid in de onzienlijke wereld van het Koninkrijk van God. Zij willen niet weten dat voor de geestelijke christenen een nieuwe tijd is aangebroken, waarin de belofte royaal wordt vervuld, dat het kwade niet tot hen zal komen, maar dat op de hemelse berg Sion en in de heilige stad Jeruzalem ontkoming zal zijn.
Avondmaalsviering tijdens de Parousie

Bij het avondmaal herdenken opnieuw geboren christenen het lijden en sterven van Jezus Christus. Het is een beeld van het echte contact met de Heer Jezus en aan de geestelijke eenheid van haar leden. Dezen getuigen dat zij als een goed sluitend geheel tot volwassenheid opgroeien. Zij houden zich niet bezig met allerlei leerstellingen, maar belijden tijdens het eten en drinken dat zij rechtvaardigen zijn, voor God gekocht door het bloed van het Lam. Zij zijn tot een koninkrijk gevormd om met hun Heer als koningen te heersen op de aarde. Daarom getuigen zij van de dood van de Heer totdat Hij komt.
Terugkomst en tegenwoordigheid

Bij de Parousie, het Griekse woord voor terugkomst en tegenwoordigheid, houdt het vieren van het avondmaal niet op, maar het gebeurt dan onder andere, heerlijke omstandigheden. Tijdens de instelling van het avondmaal wees Jezus erop: ‘dat Hij van de vrucht van de wijnstok niet meer zou drinken, tot de dag komt dat Ik er met jullie nieuw van zal drinken in het koninkrijk van mijn Vader’ (Matth.26:29). ‘Nieuw’ betekent hier niet nieuw in tijd, maar in contrast met het oude, dus afwijkend van alle avondmaalsvieringen in de loop van de eeuwen door miljoenen kerkmensen. Na zijn opstanding verscheen Jezus veertig dagen lang aan zijn volgelingen. Het harde bewijs dat Hij werkelijk als mens van vlees en bloed onder hen aanwezig was, lag in het feit dat Hij regelmatig met hen de maaltijd gebruikte: ‘Toen zij het van blijdschap nog niet geloofden en zich verwonderden, zei Hij tot hen: ‘Hebben jullie hier iets te eten?’ (Luc.24:40-43).
In het huis van Cornelius vertelde Petrus, dat Jezus verschenen was aan hen, die met Hem gegeten en gedronken hadden, nadat Hij uit de doden was opgestaan (Hand.10:41). Het kan niet anders of Hij heeft ook vaak met hen het avondmaal gevierd. Ook waren de kringen te Jeruzalem van begin af aan gewend ‘het brood aan huis te breken’. Bij zijn terugkomst zal de Heer Jezus samen met de verrezen ontslapenen aan hen die dan nog leven, verschijnen. Zij zullen met hen het avondmaal vieren in deze geheel nieuwe omstandigheid. Vervuld wordt: ‘Zodat wij, hetzij wij waken (levend achterblijven), hetzij wij slapen (in Christus gestorven zijn), samen met Hem zullen leven’ (1 Thess.5:10; Col.3:4). Dit ‘samen’ komt tijdens het avondmaal goed tot uitdrukking. Men mag zich misschien over deze tijden en tijdstippen verwonderen, maar dat deden de leerlingen in hun tijd ook. Wat een troost en bemoediging voor de gemeente in de eindtijd. Deze laatste avondmaalsvieringen dragen bij aan de belofte:
- ‘En heel uw geest, ziel en (geestelijk) lichaam mag bij de parousie van onze Heer Jezus Christus blijken in elk opzicht onberispelijk bewaard te zijn’ (1 Thess.5:23).
In een ondeelbaar ogenblik veranderd
Na deze tijd van verschijningen, waarin de werfkracht van de gemeente over de hele aarde haar hoogtepunt bereikt, zal het tijdstip aanbreken, dat de levend overgeblevenen in een ondeelbaar ogenblik veranderd worden. Hun natuurlijk lichaam wordt dan verzwolgen door hun geestelijk lichaam (1 Cor.15:54). Zoals Jezus na zijn avondmaalsviering op Golgotha zijn zwaarste slag met de demonen in de lucht voerde, zo zullen dan de verbonden legers in de hemel de strijd in de hemelse gewesten beëindigen met een glorieuze overwinning op de vijand in het hemelse Armageddon.
- ‘De zevende engel goot zijn offerschaal leeg over de lucht. Toen klonk er uit de tempel een luide stem vanaf de troon, die uitriep: ‘Het is voorbij!’ (Openb.16:17).