2. Vrij van de zonde door Jezus Christus

 

<<<<<

Paulus schrijft:

  • ‘U die aan de zonde gestorven bent. Hoe kun je nu weer opnieuw zondigen als je er aan gestorven bent? Jezus Christus is ervoor gestorven. Als je gestorven bent, ben je vrij van de zonde: ‘Laat dan de zonde niet langer heersen in je sterfelijk lichaam, maar ga het goede doen’ (Rom.6:1 en 7, 12). 

Paulus roept de Romeinen op niet meer naar hun oude meester (de zonde) te luisteren. Ook wij moeten dood voor de zonde zijn, want wij zijn met Christus gekruisigd. Wat gekruisigd is kan niet meer reageren. Het is aan handen en voeten gebonden en sterft, het reageert niet meer op die vorige meester. Het kan ook niets meer uitvoeren. Zolang ik mij dood houd voor de vijand, kan hij mij niet meer gebruiken. Ik zeg en belijd dan:

  • ‘Ik ben met Jezus gestorven.’
  • ‘Wij zijn dood, wij zijn gekruisigd’.
  • ‘In dat kruis ligt uw redding, verlossing en uw leven.
  • ‘Dat kruis is de beveiliging tegen de vijand, in dat kruis ligt de vreugde van uw geest.’

Paulus zegt:’ ‘Als u deelgenoot wil zijn van dat kruis en het lijden van Jezus Christus, is dit niet in een verre toekomst, maar nu, op het moment dat u dit gaat belijden. Dan zult u deel hebben aan Zijn heerlijkheid en opstanding’. Paulus zegt ook: ‘Onderzoek jezelf.’ Hij zegt niet: ‘Onderzoek de ander, wat die heeft aan de binnenkant, zodat jij kan zeggen: ‘Nou, jij bent nog gebonden…’ Nee, onderzoek jezelf, want de enige die het goed kan, ben jijzelf! ‘Niemand weet wat in mij is dan de geest van de mens zelf’, zegt de Bijbel. Niemand weet wat in God is dan de Geest van God. Ik weet wat in mij is en jij weet wat in jou is.

  • Diep in je hart weet je misschien dat er nog een lichaam van de zonde is die jou in zijn macht heeft. Het houdt zich misschien nog schuil, weken, maanden of jaren lang. Maak je er bewust los van. Jij bent van Jezus Christus en met Hem gekruisigd. Weg met die geraffineerde, bijna verstopte zonde. Je bent gekocht en betaald!

Boezemzonde, boezemvijanden en satanische betoveringen

Vroeger spraken ze over een boezemzonde. Een boezemzonde wil zeggen: een ingeworteld kwaad. Er zijn boezemvrienden, maar er zijn ook boezemvijanden. Jezus Christus is de boezemvriend die met Gods Geest in de ware christenen woont. Maar men kan ook boezemvijanden hebben en die boezemvijand heeft zich aan de mens gehecht. Voorbeelden zijn: bezorgdheid, irritatie, jaloersheid, negativisme, onreinheid, verslaving, maar vooral vandaag veel macht en grof geweld over hele continenten.

Misschien is er nog een macht vanuit het occultisme, door een bezoek aan een waarzegger of een spiritistische seance. Dat is echt levensgevaarlijk, want zo worden demonen naar binnen gehaald. Zij hebben het klimaat van de dood (dat zwarte en duistere) bij zich en deze demonen willen een mens daarmee besmetten.

Misschien denk je: als ik ouder word, dan wordt alles beter… maar als je ouder wordt, verzwakt je geest, die verkeerde geesten worden steeds sterker. Ze zuigen je leeg en parasiteren, vandaar dat ze groeien tot de zonde volgroeid is. Dat wordt bij het ouder worden niet beter. Maar als je de weg naar verlossing en bevrijding hebt ontdekt, kun je zeggen: Ik wil er vanaf. Of denk je stiekem: ‘Nou, ik wil dat nog wel vasthouden’? Het zou verschrikkelijk zijn als je bij het ouder worden merkt dat die geesten steeds sterker gaan opspelen. Je wordt nog meer geïrriteerd dan vroeger. Maar wat is het fijn als je bij het ouder worden steeds rustiger, vriendelijker wordt en steeds meer dat Koninkrijk van God in je hebt.

Ga staan op de overwinning van Jezus Christus!

Paulus zegt in Romeinen 7:15: ‘Ik ben vlees’. Hij schildert zich dan in zijn oude toestand: ‘Verkocht onder de zonde’. Dat is nogal wat. Maar hij oordeelt zelf dat dit verkeerde er uit moet:

  • ‘Ik doe niet wat ik wens, maar waar ik een afkeer van heb, dat doe ik. Ik doe het dus zelf niet meer, maar de zonde die in mij woont’.

Dat is het geheim van de overwinning. Het is belangrijk dat je dat gaat zien, zodat je je ervan kunt distantiëren. Dan kun je zeggen: maar dat ben ik niet, dat is die duistere geest nog. Gelukkig weet ik ook de weg om bevrijd te worden. Paulus zegt het zo:

  • ‘Ik ellendig mens, wie zal mij verlossen van het lichaam van deze dood? Jezus Christus! Dank aan God!’ (Rom.7:24,25).

Kerken en hun geliefd ‘zondebesef’

Het eeuwig evangelie geeft zicht op de bevrijding van zonde door Jezus Christus. Kerkgangers blijven echter graag hangen in hun geliefd zondebesef. Zij belijden (steeds – maar – weer) dat zij geloven in de verschrikkelijke erfzondeleer. Op die manier lasteren zij Jezus Christus. Zijn dood geeft dan wel vergeving van zonden, maar toch! In de kerken houdt men vast aan de zonden die hen heerlijk blijft ‘aankleven’. Zij hebben loze kreten zoals:

  • ‘O, van mijzelf verlost te zijn…’

Paulus zegt: Wie zal de mens verlossen van het lichaam van de vijand die hem naar de dood voert? Het is niet verlossen uit het lichaam, maar het is ván het lichaam. De vertalers (en met hen de kerkgangers) hebben dit niet begrepen en zeggen:

  • ‘Ik moet verlost worden van mijn eigen lichaam.’

Het is een opeenstapeling van dwaasheid, om van jezelf verlost te willen worden. Je moet jezelf worden, jazeker. Maar dat kan alleen als je je losmaakt van die ander, de zonde.

  • ‘Veel bidden…’

Deze opmerking maken kerkgangers ook graag. Maar wat is dat vele bidden? Het wekelijks ophoesten van de tien geboden? Een aantal gebeden opzeggen en dat herhalen? Lang en hardop bidden? Is dat bezig zijn in de geestelijke wereld? Of is het kermen: Heer, ik wil vrij zijn, Heer help mij?

  • ‘Doe dat en je zult leven…?’

Oké, je krijgt dus leven als je je inspant.

  • Maar is het een inspanning van het eigen ik? Nee, dat is de oude wet.
  • Zijn het de goede voornemens, waar de weg naar de hel mee geplaveid is?
  • Zit de overwinning in je wil en je verstand?
  • Moet ik soms de 10 geboden uit mijn hoofd leren? Deze geboden 52 keer per jaar ophoesten op zondag? 

De wet van het oude verbond heeft het over dingen in de zichtbare wereld, maar de demonen bewegen zich in de onzichtbare wereld. Jezus zegt: ‘Je moet rein zijn van binnen’. Dit gaat dus over het onzichtbare. Paulus is tot de erkenning gekomen: ‘ik kan de zonde niet aan; het is een vijand die voor mij te sterk is en ik moet ervan verlost worden. Wie zal mij verlossen? Dat is het evangelie van Jezus Christus! Door de doop met Gods Geest ontvangt men nieuwe kracht en gaat men vanuit Gods Geest leven. Dan wordt men door Gods Geest geleid, waardoor Gods wetten in het verstand geschreven en in het hart gelegd worden. Dat is het geheim, Gods ingeschapen wetten.

De besnijdenis van Christus

Een jood wordt geboren als Jood, als het een jongetje is, wordt hij besneden. Het is niet zo dat hij besneden wordt en dan pas een Jood wordt. Nee hij wordt geboren als een jood en daarna wordt hij besneden, op de achtste dag. Zo is het ook met de besnijdenis van Christus. De ware christen aanvaardt zijn schuldvergeving door het kruis van Jezus. God zegt dat al zijn schuld is weggedaan door het gegoten bloed van Jezus. Als de ware christen zegt: ‘Dank U Heer, ik ben een rechtvaardige’, is hij opnieuw geboren; dan kan hij zeggen: Ik ben een Israëliet, ik hoor bij het geestelijk Israël.

Want wie is een Jood?

De ware christen is een Jood en een inwoner van het nieuwe Jeruzalem door zijn geboorte. Als u dan opnieuw geboren bent, moet u nog besneden worden. Dit is gelukkig niet alleen voor de jongetjes, het is voor allen die na hun geboorte besneden moeten worden. Paulus zegt in Colossenzen 2:11:

  • ‘In Hem, in Christus, levende, zijnde, gelovende, in Hem bent u óók met een besnijdenis die geen werk van mensenhanden is, besneden door het afleggen van het vleselijk lichaam, in de besnijdenis van Christus’.

Paulus bedoelt: Je hebt een joodse besnijdenis en een christelijke besnijdenis. De besnijdenis van Christus is de christelijke besnijdenis. Als ik nu een Jood ben voor God, een inwoner van Jeruzalem, daar geboren, dan laat ik me besnijden d.w.z. dan word ik losgemaakt van het vleselijke, zondige lichaam, van de demonen van de duisternis die mijn vlees begeren.

Hoe werd iemand besneden?

In de Joodse traditie neemt de vader (of tegenwoordig een bevoegd persoon) een mes en snijdt een stuk van de voorhuid weg, dat werpt hij weg. Paulus zegt: wij hebben een besnijdenis van het hart, d.w.z. van mijn innerlijke mens, die gehecht was aan het lichaam van de zonde, aan het vleselijk lichaam, aan het lichaam van de dood, aan die demonen van de duisternis. Daar gaat het mes (of met een ander beeld) het zwaard doorheen. Het zwaard van Gods Geest scheidt, dat zijn de Woorden van God en Gods Geest. Dat afleggen is een daad: ‘Leg dan af!

De doop is géén vervanging van de besnijdenis

De besnijdenis van Christus is de christelijke besnijdenis. De doop is geen vervanging van de besnijdenis, het gaat om de geestelijke besnijdenis. De natuurlijke besnijdenis is het beeld van de geestelijke besnijdenis. Je hebt geen natuurlijke besnijdenis nodig. Laat dat maar over aan de nooit bekeerde Joden zonder Jezus Christus. Opnieuw geboren christenen hebben de geestelijke besnijdenis, dat is de doop in water. De doop is het niet zelf, maar de macht die erdoor weggevoerd wordt. Na de doop wordt de gelovige besneden, door de kracht van Gods Geest.

Vernieuwing van denken

Voor dit alles is vernieuwing van denken nodig. Door die vernieuwing wordt het lichaam van de zonde gedood. Misschien zegt iemand: ‘Maar ik kan er niet af, dat lichaam blijft zich maar hechten, de zonde hecht zich altijd aan me’. Dan zullen we het moeten uitdrijven. Zo heeft Jezus het gedaan en zo zullen ware christenen zijn navolgers zijn. Jij wilt toch ook een vrij mens zijn? Als je vrij bent, moet dat lichaam gereinigd worden van de zonde. Daarom zullen oprechte christenen elkaar helpen in die besnijdenis. Dat lichaam van de zonde moet er met het mes van de Woorden van God uitgesneden worden. Drijf het uit zodat de demonen die de mens overheersen, eruit gaan.

Overweeg eens: er is een driftmacht in u die telkens opkomt? Waar zijn de verstandige overwegingen als er nog een driftgeest in u is? Je zou het kunnen vergelijken met krankzinnigheid: mensen die helemaal weggevoerd worden in een drift en alles kort en klein slaan. Dat is geen ‘geest van bezonnenheid’ meer, het is juist de vijand die het in hem doet. Je bent dan niet meer helder in je denken, anders deed je het niet. Christenen hebben een geest van bezonnenheid nodig, zodat ze niet meer vanuit angst reageren, maar vanuit geloof. Wanneer de vijand je aanvalt, moet je dus in het geloof staan, anders word je bang en angst maakt inactief.

Het openbaar worden van de zonen van God

Tenslotte zegt Paulus in Romeinen 8:19:

  • ‘Met reikhalzend verlangen wacht de schepping op de openbaring van de zonen van God’.

Wie zijn die zonen van God? Dat zijn zij die dood zijn voor de zonde, de wereld en voor de traditie (zoals Paulus eens voor de wetten van Israël) en leven door de wetten van Gods Geest. Zij zijn overwinnaars over het rijk van de duisternis. In de wereld worden zij niet geaccepteerd, dat is wel duidelijk. Ook ware opnieuw geboren christenen worden niet geaccepteerd in de wereld als zij dit evangelie vasthouden. Zeker niet in de vrome werelden van bijbelgordels en Roomse varianten.

Buiten het gezicht van de slang

Wat is hun plaats dan in deze wereld? Waar komen zij die niet geaccepteerd worden, terecht? In de woestijn! (Op.12:14); zij worden naar de woestijn gevoerd. Dat is buiten het gezicht van de slang, ze worden geïsoleerd. De begeerte van de wereld, de begeerte van de ogen, het zegt hen allemaal niets meer. Zij zijn niet meer van deze wereld. Ze zijn in de woestijn en daar worden ze door God zelf gevoed, daar is hun toekomst. Gedurende een tijd en twee tijden en een halve tijd. Verzorgd en gevoed buiten het bereik van de slang.