1. Herstel en opstanding

<<<<<

Hosea doet bijzondere uitspraken, te vergelijken met Paulus die spreekt over ‘zien door een spiegel in raadsels’. Hosea ontrafelt de uitspraken uit het Oude Verbond en transponeert ze naar de geestelijke wereld in het Nieuwe Verbond. Het is niet genoeg om te lezen wat er staat, maar men moet ook verstaan wat men leest: de diepere zin van deze uitspraken. Daarom willen ook wij een geestelijke radar ontwikkelen om alles beter te begrijpen, zodat we met Paulus kunnen zeggen:

  • ‘Ik ben van een kind een man geworden en nu ik een man geworden ben, kijk ik (nog) door een spiegel in raadsels, maar dan zullen wij zien van aangezicht tot aangezicht. Nu ken ik ten dele, maar dan zal ik kennen, zoals ik zelf gekend ben’ (1 Cor.13:12).

Wie in een spiegel kijkt, ziet een beeld. Maar wie zijn hoofd 180 graden omdraait, ziet de werkelijkheid. Zo gaat het ook met het begrijpen van de Bijbel, m.n. het Oude Testament. Kerkgangers lezen alleen wat er staat; dat hebben ze zo geleerd. Maar wie met Gods Geest gedoopt is, denkt geestelijk. Bij de naam Goliath denken zij: ‘Die ben ik tegengekomen in mijn strijd in de hemelse gewesten’. Denkend aan Jericho erkent men soms voor zichzelf dat die stad nog moet vallen in hun leven. Zo willen zij de profeten leren kennen, gebruik makend van de sleutels van het Koninkrijk van de hemelen.

In Hosea 6 komen we een aantal raadsels tegen. In vers 2 staat:

  • ‘Hij zal ons na twee dagen doen herleven, op de derde dag zal Hij ons oprichten.’ De Septuaginta zegt: ‘Na 2 dagen zal Hij ons doen herstellen en daarna zal Hij ons oprichten’.

Deze tekst zegt dat er een tijd nodig is om tot leven te komen, er is een innerlijk proces nodig. Vanuit een doodsituatie gekomen, is er een verandering van denken nodig. Denk aan Jezus Christus die in het graf lag. Ogenschijnlijk was Hij dood, Hij werd zelfs afgeschreven door zijn leerlingen. Als men alleen naar Zijn lichaam keek, leek het onmogelijk dat Hij weer zou opstaan. Het proces van de ontbinding zou, zeker in het Midden Oosten, al begonnen zijn op de derde dag.

Maar Jezus gaf, toen Hij stierf, Zijn geest in handen van de Vader: ‘Vader, in uw handen beveel Ik mijn menselijke geest’. Zijn geest werd verbonden met Gods Geest. Wat niemand kon zien was, dat er na Zijn lichamelijke dood, het herstel intrad. Jezus begon toen aan de overwinning in het dodenrijk. De dagen dat Jezus daar onbeweeglijk in het graf lag, daalde Hij neer in het dodenrijk en heeft het oordeel tot overwinning gebracht. Zijn leerlingen rouwden, ze dachten dat Hij Israël verlossen zou, maar ze wisten niet dat Hij die dagen bezig was de overwinning te behalen in de geestelijk wereld.

Hosea spreekt over de tijden van herstel. Daar is nog weinig van te zien, maar die derde dag komt er. Volgt u ook dat opstandingsproces? Eerst is er een innerlijk proces van opnieuw geboren worden en verandering van denken. Dat is de geestelijke strijd tegen de demonen van de duisternis die niemand ziet, dat zijn de weerstanden die we in eigen leven moeten overwinnen. Wilt u Hem zien zoals Hij is, wilt u veranderen naar Zijn beeld, zodat u van heerlijkheid tot heerlijkheid gaat?

Het beest uit de zee (Apollyon). Vandaag massaal opgeroepen

In de wereld is chaos; er heerst een doodsfeer. Men wordt dag en nacht geteisterd door corrupte overheden en media. Het beest uit de zee, Apollyon, wordt massaal opgeroepen en aanbeden met vandaag miljarden, bewust vermoorde, onschuldige mensen als gevolg. De wetteloosheid gaat – geholpen door mensen met een zélf dichtgeschroeid geweten – als een zondvloed over de aarde en wij leven er middenin. Maar ervaart u door de geest van God rust en vrede in uw hart? Wilt u Hem kennen en de kracht van Zijn opstanding (Fil.3:10)? Wilt u daar alles op deze wereld voor opgeven en loslaten? Kunt u ook zeggen dat u een burger bent van het rijk in de hemelse gewesten, dat u geheel anders bent geworden?

De derde dag

De derde dag, de doorbraak, breekt aan. Men ziet Jezus opstaan. Ware christenen zien uit naar die derde dag waarop de kracht van Gods Geest, die in Jezus werkte, ook in hen openbaar wordt. Naar het moment waarop de wereld (en ook de nog nooit bekeerde kerkgangers) zullen erkennen: ‘Dit is het oorspronkelijke christendom. Dit is het evangelie ván Jezus’. Op de derde dag, als Hij hen opgericht heeft, ‘zullen zij leven voor Zijn aangezicht’. Dit betekent dat zij geen bedekking meer over zich hebben, geen blokkade meer in hun denken zodat zij de heerlijkheid van de Heer zullen weerspiegelen. Zo begint de tweede etappe in ons leven. De dag zal aanbreken, waarvan Paulus zegt:

  • ‘Om op die dag verheerlijkt te worden in zijn heiligen en met verbazing gezien te worden in allen, die tot geloof gekomen zijn’ (2 Thess.1:10; Op.11:11).

In Lucas 18:8 vraagt Jezus zich af: ‘Maar, als de Mensenzoon komt, zal Hij dan hét geloof vinden op aarde?’ Het is niet de vraag of Jezus geloof zal vinden, maar of hét geloof er nog zal zijn, d.w.z. het geloof dat ondanks de stormen en strijd, het koninkrijk van de hemelen te realiseren is in het leven. Niet later na het sterven, maar nú al tijdens het leven. Zoals de 5 wijze vrouwen, die hun lampen vulden, zodat iedereen direct het licht kon zien. Zoals Jezus de profetie van het Oude Verbond vervulde, zo willen opnieuw geboren christenen nu ook in de geestelijke wereld opstaan en leven. Door hen zal het echte, eeuwig evangelie van het koninkrijk van de hemelen weer gehoord worden in deze donkere wereld. Daar is volharding voor nodig, want juist deze boodschap stuit op enorm veel tegenstand. Zo kunnen ze de top van Sion bereiken. Psalm 48 zegt:

  • ‘Ga rondom Sion en trek eromheen, tel haar torens, richt uw aandacht op haar voormuur, doorwandel haar paleizen, zodat u het aan het volgende geslacht kunt vertellen: Werkelijk, zo is God, onze God, voor eeuwig en altijd’.

In de wereld van vandaag is er veel duisternis, daar wilt u toch niet meer naar terug? U kunt woorden van eeuwig leven vinden, wilt u dat weer loslaten? De duivel blijft roven en moorden, sommigen glijden weer af (backsliding, zoals de Amerikanen zeggen) maar ware christenen willen nooit meer terug. Zij houden vast aan de belofte: ‘Hij zal ons verbinden, Hij zal helen, Hij zal oprichten’.

De vrouw in de woestijn

Openbaring 12:1-6 spreekt over de vrouw in barensnood. Ze is bekleed met de zon (beeld van God, de vader van alle gerechtigheid). Ze heeft ook een krans van 12 sterren, beeld van de 12 apostelen en alle opnieuw geborenen in Christus. Apostelen die het evangelie brachten en christenen die deze weer doorgeven aan de hele schepping. De maan was onder haar voeten, beeld van Jezus, de afdruk van Gods wezen. De vrouw staat tegenover de draak; de satan, die haar wil verscheuren als een brullend monster. Hij wil haar verslinden omdat zij op het punt staat de mannelijke zoon te baren. Die zoon heeft de ijzeren roede (staf) waarmee Hij de heidenen (de demonen en geen mensen), kan verjagen en vernietigen. Deze realiteit ervaren opnieuw geboren christenen in eigen leven. Zij kunnen zich identificeren met die vrouw, die het kind wil baren en in haar strijd roept om de hulp van haar Man. Die strijd voeren zij ook terwijl ze als zonen van God openbaar komen. Ook zij hebben Gods hulp daarbij nodig. Als het de draak niet lukt om de vrouw aan te vallen, gebruikt hij zijn staart, beeld van de valse profeet, de antichrist:

  • ‘En zijn staart veegde het derde deel van de sterren van de hemel en wierp die op de aarde’.

Zo woedend is de duivel, dat zelfs een deel van de uitverkorenen worden verleid. Er worden mensen verleid die al wandelen in de hemelse gewesten en soms een leidinggevende taak hebben binnen de gemeente van Jezus Christus. Zij worden op de aarde geworpen, ze komen weer bij de grote massa en zijn weer druk met de natuurlijke dingen. De strijd wordt opgegeven en men komt niet meer tot overwinning. Hieraan werken ook de zich christelijk noemenden groepen mee. Deze brengen mensen altijd weer terug naar de aarde onder de meest vrome en vandaag zelfs occulte motieven.

Het is geen wonder dat de Heer zijn volk naar de woestijn brengt, de dorre plaats. Toen het volk Israël in de woestijn was, was er maar één oplossing om te overleven: God gaf hen voedsel, het hemelse manna. Anders had dat volk niet kunnen bestaan. Zo is het ook met Zijn volk nu, zij verwacht het alleen van God en van Zijn Zoon. Merk de fanatieke vijandschap van de goddelozen op, maar ook uit de vrome wereld; de bijbelbelt, Rome, de Bedelingenleer en de fanatieke, aardse Israëlaanbidders. Daarom zijn de oprecht gelovigen in de woestijn, daar zullen ze ook blijven. Ze worden geboycot en gehaat in de wereld, maar zij vertrouwen op de Heer. Zij worden door Hem onderhouden, hun hele verdere leven lang.

De opstanding

  • ‘Maar in de dagen van de stem van de zevende engel, wanneer die op de bazuin zal blazen, zal ook het geheimenis van God voltooid worden, zoals Hij aan zijn dienstknechten, de profeten, verteld heeft’ (Op.10:7).

Het raadsel van de opstanding van het volk van God blijft voor de aardse christen een raadsel. Het geheim van God wordt geopenbaard bij de zevende bazuin, het geheim dat er een opstanding is en dat de zonen van God openbaar worden, wier leven overeenkomt met Jezus Christus, hun Heer. Zij doen de werken die Hij gedaan heeft, zij krijgen de kracht die Hij had, zij trekken de wereld over met het evangelie wat Hij gebracht heeft. Dat is een proces, met strijd en moeite. Zo ging het ook bij Jezus, Hij heeft ook gestreden en geworsteld.

>>>>>