Vuur ben Ik komen werpen

  • ‘Ik ben gekomen om vuur te werpen op de aarde en wat wil Ik nog meer, nu het al aangestoken is! Maar Ik moet met een doop gedoopt worden en hoe beklemt het Mij, totdat het uitgevoerd is. Denkt u dat Ik gekomen ben om vrede te brengen op de aarde? Nee, zeg Ik u, maar eerder verdeeldheid. Want van nu aan zullen er vijf in één huis verdeeld zijn, drie tegen twee en twee tegen drie. Zij zullen tegen elkaar verdeeld zijn: vader tegen zoon en zoon tegen vader, moeder tegen dochter en dochter tegen moeder, schoonmoeder tegen haar schoondochter en schoondochter tegen haar schoonmoeder’ (Luc.12:49-53).

Jezus brengt verdeeldheid – Een teken van de eindtijd

Jezus zei ook tegen de mensen die naar Hem toegekomen waren:

  • ‘Wanneer u een wolk ziet opkomen vanuit het westen, zegt u meteen: Er komt regen. En zo gebeurt het. En als er een zuidenwind waait, zegt u: Er komt hitte. En het gebeurt. Huichelaars, de aanblik van de aarde en van de hemel weet u te duiden. Hoe kan het dan dat u deze tijd niet weet te duiden? En waarom oordeelt u ook zelf niet wat rechtvaardig is? Want als u met uw tegenpartij naar de overheid gaat, doe dan onderweg moeite om van hem verlost te worden, zodat hij u misschien niet voor de rechter sleept en de rechter u aan de gerechtsdienaar overlevert en de gerechtsdienaar u in de gevangenis gooit. Ik zeg u: U zult daar beslist niet uitkomen, voordat u ook de laatste penning hebt betaald’ (Lucas 12:54-59).

Waar Jezus komt, wordt de geestenwereld actief. Daarom is deze tekst een belangrijke boodschap voor de opnieuw geboren en met Gods Geest vervulde christenen die geestelijk denken. Dit geloven in de hemelse gewesten geeft namelijk altijd strijd met mensen die alleen in het natúúrlijke bestaan op aarde geloven. Het koninkrijk van de hemelen hebben zij nooit gezocht omdat dit nooit door hun voorvaders is gebracht. Eeuwen lang zijn zij betoverd door de vele antichristenen (1 Johannes 2:18). De gevolgen zijn rampzalig tot aan vandaag (Openb.6:6). 

Jezus laat zien hoe die geestenwereld werkt. Hij zegt: ‘Ik ben gekomen om vuur te werpen op de aarde’. Dit vuur veroorzaakt scheiding. Jezus is gekomen tot een oordeel in deze wereld. Bij die scheiding worden enerzijds de zonen van God openbaar, aan de andere kant zijn de mensen in wie de demonen van de satan nog volop hun satanische werken doen. Jezus spreekt over de strijd die we moeten voeren om de enge poort en de smalle weg in te gaan (Lucas 13:24). Er wordt gesproken over strijd en vuur. Veel kerkgangers willen dit graag ontlopen. Ze willen geen evangelie wat conflicten oplevert, maar een eenvoudig evangelie en vooral geen strijd tegen de satan. Zo zijn er dominees die het wat gemakkelijker willen maken voor de zondaars. Ze willen ze verzamelen en de zonden wegnemen door hun vele, menselijke dogma’s. Hen als het ware op bloembedden naar de hemel brengen, zonder ooit opnieuw geboren te zijn (laat staan het enige Bijbelse Fundament in eigen leven hebben gelegd).

Strijd in de hemel

Jezus is geheel anders. Hij zegt dat het Zijn wil is om vuur te komen werpen en dat Hij wil dat dat vuur gaat branden. Dat is het eeuwig evangelie: een evangelie van strijd waardoor je midden in het oordeel van God terechtkomt (Op.14:6). Paulus zegt ook dat niemand het koninkrijk van God kan binnengaan dan door verdrukking (= vuur, strijd). Opnieuw geboren christenen hebben dagelijks te maken met de strijd en conflictsituaties. Voor hen is het belangrijk te weten wat Jezus over de strijd gezegd heeft, zodat zij sterk kunnen worden in deze strijd. Er is dus geen plaats voor gerieflijke, wereldvreemde samenkomsten met veel muziek, shows, dansen, vlaggen zwaaien en hysterische emoties. Nee, elke keer als men samenkomt in de gemeente zal men weer moeten leren en zich wapenen moeten in de strijd die wacht. Want elke keer wordt men weer geconfronteerd met de demonen van de duisternis. Jezus zegt:

  • ‘Het is Mijn wil dat dit gebeurt. Als jullie Mij willen navolgen en met Mij later op de troon willen zitten, dan zal je net als Ik moeten strijden. Met als doel dat je zult overwinnen, zoals Ik overwonnen heb’.

Strijd tegen het eigen vlees en bloed…?

In de kerken wordt niet over deze strijd in de hemelse gewesten gesproken. Die strijd is er wel, maar niet gezien. Men strijdt wel, maar het is een strijd tegen eigen vlees en bloed. Kerkgangers belijden:

  • ‘Wij zijn zondig en de zondige mens moeten gestraft worden!’

Die mensen moeten zondebesef en zondeschuld hebben. Daarbij wordt de klemtoon op de mens gelegd. Dat is de oudtestamentische methode. Maar Jezus heeft het accent verlegd. Hij zegt: ‘Nu kom Ik vuur werpen, je komt nu in een nieuwe tijd, waarin je de strijd ziet, zoals die werkelijk is’. Tegelijkertijd vraagt hij aan de mensen die zich bij Hem verzameld hebben: ‘Waarom onderkent u deze tijd niet?’ Jezus leert de mensen wie de veroorzaker van de zonde is. Dát is de nieuwe tijd, de nieuwe manier van denken. Door vuur te brengen op aarde, ontmaskert Jezus de ware vijand. Johannes schrijft later:

  • ‘Hij is gekomen om de werken van de duivel te verbreken’ (en dus niet om mensen te breken).

Kerkgangers vinden het moeilijk om dit evangelie te aanvaarden. De demonen aanvaarden het wél, zij riepen tegen Jezus: ‘Bent U gekomen om ons te vernietigen?’ Dat was hen nooit eerder overkomen. Zij konden niet voorkomen dat Jezus het kwaad bij de wortel aanpakte. Maar kerkmensen willen de strijd niet op een hoger plan tillen en blijven aardsgericht denken en strijden. Ze negeren het evangelie van Jezus, die zegt: ‘Hierom ben Ik geopenbaard om scheiding te brengen tussen de mens en de satan. Ik kom om vuur te werpen en de strijd te ontbranden’.

Jezus en de blind geborene 

Maar vrome geesten steigeren en knarsetanden. Zij houden liever vast aan de verzonnen dwalingen. Dat deden ze in de tijd van Jezus ook. Bij de blindgeborene vroegen ze aan Jezus, wie er schuldig was aan die blindheid, zijn ouders of de blinde zélf. Ze drammen door over de schuld van de mens en over boete doen. Ook nu nog brengt men deze leer. Men moet vooral schuldbesef hebben. Door de komst van Jezus mag er een ander besef komen. Het besef dat men voor de verkeerde baas, de satan, gewerkt heeft. Opnieuw geboren christenen willen het kwaad juist niet vasthouden.

Jezus zegt m.b.t. de blindgeborene dat er geen sprake is van schuld, maar dat door deze blinde de werken van God openbaar worden. Jezus brengt het probleem ogenblikkelijk in de geestelijke wereld. Hij zegt ook dat zijn volgelingen samen de werken zullen doen van God, die Jezus gedaan heeft. In Lucas 13 maakt Jezus nog eens duidelijk dat de schuld niet bij de mens gezocht moet worden.

De verlamde in het badhuis

In vers 4 spreekt Hij over de toren van Siloam, die bij het badhuis stond, waar later die verlamde genezen werd (in Siloam waren de demonen erg actief). Nu was de toren van Siloam omgevallen, waardoor 18 mensen omkwamen. Jezus stelt dan de vraag: ‘Zijn die 18 schuldiger dan de anderen die daar ook op diezelfde plek waren? Helemaal niet. Een ongeluk kan iedereen overkomen, maar het gaat er om dat je de boodschap die de Heer brengt, leert verstaan.

Als je Jezus’ evangelie gelooft krijg je bescherming in geestelijk opzicht. Jezus praat niet over schuld. Hij zegt dat de goede engelen de opnieuw geborenen christenen beschermen en dat ze kracht uit de hoogte krijgen door de doop met Gods Geest. Wie bewust leeft in de hemelse gewesten, raakt niet onder de indruk van een ongeluk of ziekte, maar weet zich geborgen in God. Daarom klinkt Jezus’ oproep om de weg naar het Leven op te gaan, op die weg is redding en bevrijding. Jezus is de enige die uitkomst geeft.

De enige weg

Jezus is gekomen om de mensen te genezen. Hij sprak daarom met hen over de werking van de geestelijke wereld. Hij genas en bevrijdde mensen door de demonen uit te werpen. Maar daarmee was de zondeschuld van die mensen niet verdwenen, de schuld was nog niet verzoend. De tijd was wél voorbij dat de mensen met een bokje of lammetje naar de tempel gestuurd werden om de schuld te verzoenen. Jezus leerde de mensen de strijd te voeren in de hemelse gewesten, daar ging Hij voor de mensen op de bres staan. Zo waarschuwde Hij Simon Petrus:

  • ‘De duivel heeft je geprobeerd te ziften als de tarwe. Hou op met die denkwereld die dwars tegen de leer van het koninkrijk van de hemelen ingaat!’

En Hij bewaart en beschermt de leerlingen als ze zeggen: ‘Heer, laat maar vuur neerdalen uit de hemel om de Samaritanen, die ons niet willen ontvangen, te doden’. Wie niet geestelijk denkt, heeft geen zich op de strijd in hemel.

Jezus bad: ‘Vader, Ik heb ze bewaard in deze wereld, hen die U mij gegeven hebt’. De leerlingen waren onder zijn bescherming, Jezus wist wat ze dachten en leerde hen hoe ze moesten handelen. De oudtestamentische offers waren niet meer nodig, al hopen massa’s filosemieten dat ze weer terugkomen in een ander, verzonnen tijdperk. Jezus heeft volgens hen immers gefaald… Maar Jezus zei: ‘Het is wel nodig dat Ik heenga, Ik moet gedoopt worden met een doop en dat beklemt Mij’. Jezus wist dat Hij sterven moet om volmaakt rechtvaardigen te krijgen. Want het is niet alleen belangrijk om van demonen bevrijd en verlost te worden, maar de zondeschuld moet nog verzoend worden. Jezus zei: ‘Ik kom ook in dat vuur. Dat vuur tast Mijn sterfelijk lichaam zo aan, dat Ik dat moet missen. Maar Ik ga niet onder!’ Jezus staat onder druk.

De leer van dopen – Meervoud! 

De leer van dopen (meervoud!) is dan ook: Eerst de doop IN water, dan de doop met Gods Geest, vervolgens de doop met vuur. Dit zien we terug in het leven van Jezus. Hij vraagt aan Zijn leerlingen of zij die doop ook kunnen ontvangen. Het antwoord is: ‘Ja, Heer’. Kunnen jullie de beker drinken? ‘Ja, Heer’. Kinderen van God komen óók in de doop met vuur, ze hoeven alleen niet de doop in de dood ondergaan, die Jezus wél onderging. Kinderen van God zijn mét Hem gedoopt, mét Hem gekruisigd en begraven (Rom.6:1-7). Als Hij in het dodenrijk komt, wordt hun schuld weggenomen, dan is het loon van de zonde ook aan hen uitbetaald. De dood heeft geen enkel recht meer op hen, zij hoeven daar niet meer tegen te strijden. Want ook al zullen zij sterven (waarbij de innerlijke mens gescheiden wordt van de uiterlijke mens), zij zullen nooit de dood en het dodenrijk zien. Zij worden direct in heerlijkheid opgenomen en komen in het nieuwe Jeruzalem, waar zij deelgenoten zijn van de tempel van God.

Totdat het uitgevoerd is

Kerkgangers zeggen:

  • ‘Dat is gemakkelijk, de Heer doet alles. Wij hoeven Hem alleen maar aan te nemen en af te wachten’.

Maar is dat zo? Jezus heeft ons tot rechtvaardigen gemaakt en onze schuld weggenomen. Dat deel is uitgevoerd, volbracht. Maar dat wil niet zeggen dat de strijd overwonnen is. Er staat: ‘wie overwint, zoals Ik overwonnen heb’. De ziekten, de ongelukken en rampen zijn daarom nog niet voorbij. Kinderen van God moeten nog steeds een strijd voeren. Die strijd wordt zelfs heviger, maar zij weten zich gerechtvaardigd door het bloed van Jezus. Zij gaan de weg die Hij gewezen heeft, de weg vol strijd. Die strijd wordt overwonnen door de woorden van God en zijn Geest, door het geloof in Hem. 

Ongeloof en Godlastering

  • ‘Loof en gras, regen en droogte, vruchtbare en onvruchtbare jaren, spijs en drank, gezondheid en krankheid, rijkdom en armoede en alle dingen, niet bij geval, maar van zijn Vaderlijke hand ons toekomen’ (de afschuwelijke Heidelberger 10).

Veel kerkgangers kijken wantrouwend tegen ‘de strijd in de hemel aan’. Ze staan huiverig tegenover het bidden om bevrijding. Zondag 10 hoort immers nog steeds bij de basis van hun Godlasterend geloof. Deze mensen doen zichzelf graag tekort. Ze geloven wél in schuldvergeving, iets wat gebeurt in de onzichtbare wereld, maar hebben géén geloof in bevrijding van demonen, iets wat óók onzichtbaar is voor het natuurlijke oog. Om het te kunnen begrijpen, beweren ze dat ze bij het uitdrijven van demonen bijvoorbeeld dieren zien, soms zoveel dat ze heel Artis zien leeglopen. Maar bij een bevrijding loopt niet heel Artis leeg, maar de demonen vluchten en die zijn onzichtbaar, geestelijk. Soms ondersteunt de Heer bevrijding wel door een beeld, maar het is en blijft een hulpmiddel. Een beeld is niet nodig, het is een zaak van gelóóf. Jezus had ook niets zichtbaars nodig bij het uitdrijven van demonen, Hij dreef ze uit door Zijn Woord. Daarom is gelóóf nodig om de strijd in de hemelse gewesten te zien.

Wie gelooft in het evangelie ván Jezus Christus, kan niets anders doen dan positief staan tegenover de geestelijke strijd. We ontkennen het niet; we staan er midden in. Die strijd is niet tegen vlees en bloed of gericht tegen mensen op wie we kwaad kunnen worden, maar we overwinnen enkel en alleen door de strijd van het geloof. De wapens daarbij zijn de Woorden van God. Dat geeft rust en zekerheid. Ook de Geest van God woont in ons om ons uithoudingsvermogen te geven. We hoeven niet omhoog te kijken en te roepen: Heer, help mij, want dat hoeft niet omdat Gods Geest binnenin ons woont. Door de doop met Gods Geest geloven wij dat Zijn Geest in ons werkt.

  • ‘Wat kijken jullie naar de hemel’ wordt er aan de leerlingen gevraagd.
  • Ook Mozes zegt: ‘Je hoeft niet naar de hemel op te klimmen of naar de afgrond neer te dalen, want de Heer is in u. Hij is in u en zal bij u zijn’ (Deut.30:12-14; Rom.10:6-8).

We kijken niet naar buiten, maar naar binnen, zodat we op het kritieke moment kunnen zeggen: ‘Heer u woont in mij, daardoor zal ik volharden in de strijd en overwinnen’.

  • ‘Denk niet dat Ik gekomen ben om vrede op aarde te brengen, Ik ben gekomen om verdeeldheid te brengen’.

De engelen kunnen dan wel van vrede op aarde zingen, maar de Heer zegt: ‘Daar ben Ik niet voor gekomen, Ik breng geen vrede op aarde, maar vrede in je hart. Ik ben gekomen om verdeeldheid te brengen’. De verdeeldheid van 3 tegen 2 en 2 tegen 3, ongelijk verdeeld. Jezus somt allerlei verdeeldheid op binnen 1 huis. Hij bedoelt niet de bekende verdeeldheid van schoondochter tegen schoonmoeder en andersom. Nee, het gaat hier om een scheiding tussen hen die in God geloven en hen die Hem óngehoorzaam zijn, tussen rechtvaardigen en onrechtvaardigen, tussen bekeerden en nooit bekeerden.

‘Wij bidden bruto, maar wij ontvangen netto….’

Waar staan de doorsnee kerkgangers bij die scheiding? Ze zingen wel: ‘Ik sta aan Jezus’ kant’, maar staan zij totaal aan Zijn kant of hebben ze een verdeeld hart? Met een verdeeld hart kan je bidden wat je wil, maar het is voor de Heer een gruwel. Er zijn mensen die zeggen: ‘Ik heb gebeden, maar niet ontvangen’, terwijl de Heer zegt: ‘Bidt en u zal gegeven worden’. Of er wordt gezegd (zelfs door dominees): ‘Wij bidden bruto, maar wij ontvangen netto’. Ze kunnen het helemaal uitmeten: ‘dat heb ik wél en dat heb ik niét ontvangen.’ Als deze mensen bruto bidden, dan bidden ze met al hun twijfel en hun ongeloof. Logisch dat ze dan maar netto of zelfs helemaal niets ontvangen. Toch vindt men dat heel normaal, volgens hén zijn er altijd onverhoorde gebeden…. Maar dat innerlijk verdeelde hart is voor de Heer een gruwel, daarom worden gebeden niet verhoord. Kerkgangers moeten gaan geloven dat de Heer hun hart zal genezen door zijn Woorden en Geest, ondanks alle strijd, hoelang die strijd ook duurt. Zij zullen niet ondergaan.

Er komt verdeeldheid in het huis, het huis van God. Dat gebeurde in de tijd van Jezus, toen Hij uiteindelijk vroeg aan Zijn leerlingen: ‘Wilt u ook maar niet gaan?’ Het gebeurt ook nu in de gemeentes, de boodschap van het eeuwig evangelie brengt ook nu scheiding. De demonen van de duisternis zijn erg actief, zij zaaien verdeeldheid en brengen scheiding tussen hen die op de hoge weg willen wandelen en hen die het niet willen aanvaarden en weer terug keren naar het oude, vertrouwde. Ze zoeken de schuld weer bij de mensen, nemen door hun spreken over ‘de gemeente hier’, afstand van de gemeente waar ze bij horen. Dat is de verdeeldheid in eigen huis.

  • De farizeeën vroegen (na de genezing van de blindgeborene) aan Jezus of zij soms blind waren; zij vertelden toch alle inzettingen van Mozes zoals het eeuwenlang was gebracht? Jezus zei: ‘Ja jullie zijn blind’. Waarop de farizeeën vroegen: ‘Weet je het dan alleen? Heb je dan alleen het goede evangelie?’ ‘Ja, Ik ben gekomen om van de waarheid te getuigen’. Dat woord van Jezus kun je aannemen of niet, maar het is wel de enige waarheid!

Wij zien die verdeeldheid ook om ons heen. Er zijn kerkgangers die een deel van het evangelie van Jezus overnemen, maar er komt een echte scheiding als je radicaal kiest voor de waarheid die Jezus ons gebracht heeft. Er is geen sprake van een scheiding tussen de wereld en de kerkgangers (in de politiek kunnen zij het prima met elkaar vinden) maar het is een scheiding in het huis van God. Ook in ware gemeenten tref je mensen die aan de rand leven, niet radicaal kiezen voor het evangelie van het koninkrijk van de hemelen. Ook deze mensen moeten een keuze maken, ze kunnen niet van 2 walletjes blijven eten: een beetje gereformeerd, katholiek of een beetje evangelisch. Een babybesprenkeling vasthouden, maar ook de volwassen doop toestaan. Het hinken op 2 gedachten geeft dat innerlijk verdeelde hart. Het is onmogelijk om zo te leven én te wandelen in de hemelse gewesten.

In de natuurlijke wereld kun je alles zien. Aan dreigende wolken vanuit het westen kun je zien dat het gaat regenen. Zo kunnen christenen ook in de natuurlijke wereld zien dat er gezagscrisissen ontstaan, dat de mentaliteit van de mensen verandert. Sommigen laten zich daardoor bang maken. Maar deze bange mensen letten dan niet op de geestenwereld die daarachter schuil gaat. Ze zien niet dat de demonen van de duisternis in opstand komen, dat ze ontmaskerd worden. Dat gebeurde in de tijd van Jezus, maar ook nu.

Door het evangelie van Jezus komen de hemelen in beweging. Hij kwam om vuur te werpen op de aarde en om de demonen te ontmaskeren. Jezus wilde en wil nog steeds dat wij de oorzaak van alle ellende ontdekken. Wie dat niet wil zien, kan ook niet overwinnen. Wie het hele evangelie wél aanvaardt, krijgt te maken met bloed en vuur en rookzuilen. Door Gods Geest kan men dan overwinnen zoals Jezus overwonnen heeft en standhouden op de dag van de Heer, als het oordeel begint. Wie niet volkomen aan Jezus’ kant in het Licht gaat staan, wordt door de satanische demonen naar het donker getrokken. Je kunt je dan wel bekeerd hebben, maar dat is niet van de duisternis naar het Licht, maar van de duisternis naar de schemering. In de schemering kun je niet overeind blijven als de strijd ontbrandt.

  • Christenen horen in het volle Licht te staan, zij zijn het licht van de wereld en ze zien dat de demonen zich tegen dit evangelie keren. Vandaar dat men zoveel vijandschap ondervindt. Een evangelie dat géén vijandschap ondervindt en door Rome, de bijbelbelt en goddeloze, politieke partijen wordt geaccepteerd, is géén evangelie. Het evangelie van Jezus brengt licht, waardoor de duisternis grimmig wordt. De tekens van de tijden worden niet gezien. Wel let men in de zichtbare wereld wel op tekens, maar komen dan vaak niet verder dan een aards Israël en haar tijdperkenknippers. Maar met zo’n leer kun je niets beginnen bij een gebondene of zieke. Bloemen brengen geen evangelie van herstel. 

Waarom wil men deze tijd niet onderkennen?

Met ‘deze tijd’ bedoelt Jezus het zicht krijgen op de geestelijke wereld. Mensen zien die tijd niet, ze zijn door demonen verblind voor het koninkrijk van de hemelen. Daarom worden ze verleid, ze tuinen er in. Satans demonen spelen met hen een spelletje en speculeren op blindheid van de kerkmens. Men zoekt bijvoorbeeld een oplossing bij een magnetiseur, die zegt dat hij de gave van God heeft gekregen. Men ziet niet dat zo de leugenmachten, grootmachten van de duisternis, winnen. Want de magnetiseur sommeert de ziektemacht het lichaam te verlaten zodat de leugenmachten hun plaats in het lichaam kunnen innemen. Kleine demonen eruit, grotere erin! In de zichtbare wereld verdwijnt de pijn, maar in de onzichtbare wereld worden zij vastgeketend. Ze worden depressief en als de Bijbel opengaat, begrijpen ze niet meer wat ze lezen of horen. Het gaat met hen net als het vallen in de geest: zij zijn niet meer bereikbaar voor het eeuwig evangelie. Er is één en al duisternis in en om hen, het geestelijk leven kan zich niet meer ontplooien.

Hoe is het met u? Kunt u zichzelf geestelijk verheffen boven alle ellende of loopt u elke dag in de tredmolen van het natuurlijke leven? Heeft u nog contact met God? U zult een keus moeten maken en de Bijbel vooral geestelijk gaan verstaan en niet alleen lezen wat er staat, als u weer wilt gaan leven in het Licht. Dit evangelie zal verdeeldheid brengen, juist in de gemeente. Wij maken elke dag de keus voor dit evangelie, ook al prijzen we ons zelf daarmee uit de markt en zijn er mensen die zich aan ons ergeren.

Wij doen niet mee aan waarzeggerijspelletjes of aan trainingen waarin je je wil moet laten onderwerpen. Wij brengen geen groet aan een vlag of gaan met vlaggen zwaaien bij gebrek aan geestelijk inzicht en armoede. Wij zijn net als Daniël en zijn vrienden die niet de gebruiken van het hof overnamen. Soms met alle gevolgen van dien, maar wij gaan niet onder in de strijd, omdat wij kennis hebben van de onzienlijke wereld. Zo zullen wij overwinnaars zijn.