
- ‘Zij werden allen vervuld met Gods Geest en begonnen met andere talen te spreken, zoals Gods Geest het hun gaf uit te spreken’.
Het pinksterverhaal in Handelingen 2 vertelt hoe de doop met Gods Geest door de eerste christenen ervaren werd. Dit hoofdstuk probeert in de zichtbare en hoorbare wereld te omschrijven wat in de onzienlijke wereld gebeurde. Het ogenblik was aangebroken dat de ogen en de oren van de leerlingen in de geestelijke wereld geopend werden. Er gebeurde wat de Heer eenmaal voorspeld had: ‘U zult de hemel open zien’ (Joh.1:52).
Zij die op die vroege morgen bij elkaar waren, hoorden een geluid uit de geestelijke wereld, dat bij hen overkwam als het horen van een felle windvlaag. Met hun innerlijke mens zagen zij een vuur dat zich verdeelde, zich verspreidde en in de vorm van tongen zich op ieder neerzette. Zo zagen zij het teken van het nieuwe verbond. De gemeente van Jezus Christus kon toen haar plaats en haar taak in de hemelse gewesten gaan innemen. Zij begon haar bovenaardse werk te vervullen. De tijd van het oude en zichtbare was voorbij, die van het nieuwe en onzichtbare was gekomen. Petrus kondigde deze verandering aan met de woorden: ‘Dit is het!’ Profeteren, gezichten zien en inzichten krijgen, wijzen op werken in de onzienlijke wereld. Zij zijn de ervaringen van de geestelijke mens.
Gods Geest in de laatste dagen

Wanneer dan gezegd wordt dat God in het einde van de dagen op deze manier Zijn Geest zal uitstorten, hebben wij in deze beschrijving een duidelijk voorbeeld voor ogen. Toch verlangen wij niet terug naar de ‘tijden van vroeger’, naar wat gepasseerd is, maar kijken we uit naar de dag van de Heer, waarin Gods Geest opnieuw als een late regen uitgestort wordt en het tijdperk aangebroken is, dat de kinderen van God tot hun volle ontwikkeling komen. Wij zijn geen volk van het verleden, maar van de toekomst!
Wat is nu de oorzaak dat zoveel kerkgangers in onze tijd met het Pinksterfeest geen raad weten? Het antwoord is dat zij zich vastklemmen aan de letterlijke, Bijbelse beschrijving, terwijl zij niet in staat zijn om de geestelijke werkelijkheid ervan te verstaan (laat staan ooit het enige Bijbelse Fundament in hun leven hebben gelegd). Zij beperken zich tot de historische uitbeelding en deze eindigt voor hen met de vurige tongen bij de leerlingen in de bovenzaal. Het hoogtepunt van het gebeuren, het spreken in andere talen, ziet men eigenlijk als levensgevaarlijk en gaat men bewust uit de weg.
- ‘Onze voorgeslachten deden dit ook niet … veel te link!
Maar er staat wél: ‘Zij werden allen vervuld met Gods Geest en begonnen met andere talen te spreken, zoals Gods Geest het hun gaf uit te spreken’.

Wanneer de menselijke geest in geloof en vertrouwen met Gods Geest verbonden wordt, volgt deze gave. In de onzienlijke wereld hoort hij het spreken van God in een voor hem onbekende taal. Hij neemt de klanken en woorden in gehoorzaamheid over en door ze uit te spreken, brengt de menselijke geest ze in de natuurlijke wereld, hoewel hijzelf niets verstaat van de zin, van de inhoud en van de bedoeling ervan. Op deze manier neemt de baby de woorden van zijn moeder over en reproduceert deze al pratende, hoewel de baby van de inhoud niets snapt. Het spreken in andere talen opent een geheel nieuwe weg om de gedachten van God over te nemen en deze door te geven.
Communicatie door God ingeschapen

Doordat tussen de onontwikkelde geest van het kind en de moeder een verbinding gelegd wordt, kan de moeder bouwen aan de geestelijke ontwikkeling van haar kind. Als zij niet tot haar kind praat, kan zij de ontwikkeling van zijn geest niet stimuleren. De peuter begrijpt in het begin niets van wat zijn moeder vertelt, maar deze probeert toch contact met haar kind te krijgen. Hoe heerlijk is het dan voor haar, wanneer zij de eerste spontane reacties opmerkt. Zij merkt dan dat haar kind zich op de moeder afgestemd heeft.
Wanneer de Geest van God in zijn tempel komt – de opnieuw geboren christen – wil Hij ook voortdurend in contact zijn met de menselijke geest. Hij wil met hem spreken en hem beïnvloeden. Het spreken in talen is één van de gaven van de met Gods Geest gedoopte christenen. Het kind dat zijn moeder napraat, leert luisteren en weergeven. Het ontwikkelt zich op deze manier. Het leert ook het klimaat onderscheiden te dat van de moeder uitgaat. De liefdevolle sfeer maakt het kind blij. Op deze manier leert een kind van God al talen sprekende, het klimaat van de Geest van God kennen. Het leert luisteren naar diens stem, zoals er staat: ‘Wie een oor heeft, die hoort’.
Merk op dat degene die zich in talen gaat uiten, geen broer of zuster van de gemeente hoeft na te spreken, maar zich in geloof moet richten op Gods Geest die in hem woont. Wanneer de menselijke geest zich op deze manier aan Gods Geest hecht en met Hem verbonden is, zal deze zich ook koesteren in het klimaat van het Koninkrijk van God en daardoor vertroost en opgebouwd worden. Het zal hem dan niet moeilijk vallen te onderscheiden of een van satans demonen tot hem spreekt, want de schapen kennen de stem van de goede herder en zij zullen de stem van de vreemde zeker niet volgen.

Het spreken in andere talen baant ook de weg tot de hoogste gave, de profetie, want wanneer iemand een andere taal kan overnemen, leert hij ook de gedachten en woorden ervan overnemen in een taal die hij verstaat.