Nieuw leven

 

 

  • ‘Want als de Geest van Hem die Jezus uit de dood heeft opgewekt in u woont, zal Hij – die Christus heeft opgewekt – ook u die sterfelijk bent, levend maken door zijn Geest, die in u leeft’ (Romeinen 8:11).

Paulus spreekt hier over sterfelijke lichamen die levend gemaakt worden. Hij schrijft aan de Corinthiërs: ‘Het voorbijgaande krijgt geen deel aan de eeuwigheid van God’ (verg. 1 Cor.15:50). Deze teksten lijken elkaar tegen te spreken. Als iemand doodgaat, verlaat hij het aardse lichaam, omdat het onderworpen is aan de sterfelijkheid. En toch schrijft Paulus over ‘sterfelijke lichamen, die levend gemaakt worden’. Hij zegt daarbij wel dat dit gebeurt ‘door Gods Geest die in u leeft’.

De dood door Gods Geest overwonnen

Gods Geest staat centraal in Romeinen 8. Gods Geest is ‘de Geest van Hem, die Jezus uit de doden heeft opgewekt’. Gods Geest stelde Jezus in staat om metterdaad op te staan uit de dood. Gods Geest deed Jezus overwinnen. Hij overwon de sterkste negatieve macht die er bestaat: Dood hemzelf en zijn bewakers (afgevallen serafengelen). Door de kracht van Gods Geest kon Jezus de sleutels van dood en dodenrijk opeisen. Dit betekent dat Gods Geest de meest superieure macht is die er bestaat. Elke demon of kracht zal het moeten afleggen tegen de oppermachtige Geest van God.

Gods Geest is een levendmakende Geest. Er staat niet: ‘in leven houdend’, maar ‘levend mákend’. Het gaat hier dus niet over de biologische functies van het natuurlijke lichaam van de mens. Men kan lichamelijk wel springlevend zijn en toch door God als ‘dood’ worden gezien: ‘geestelijk dood door overtredingen en zonden’ (Ef.2:1). Maar voor een opnieuw geboren christen die met de Heer leeft, geldt:

  • ‘Ook al gaat ons uiterlijke bestaan verloren, ons innerlijke bestaan wordt van dag tot dag vernieuwd’ (2 Cor.4:16).

Wat is ‘leven’?

Leven is: als mens tot ontplooiing komen zoals God het vanaf het begin bedoeld heeft. Een mens is meer dan een lichaam alleen; zijn lichaam vormt slechts de buitenkant, het zichtbare deel van de persoonlijkheid. Onzichtbaar zijn de ziel en de (menselijke) geest. Zij maken in feite de ware innerlijke mens die onsterfelijk is omdat hij voor de eeuwigheid is geschapen. Niet de uiterlijke, maar de innerlijke mens is gecreëerd naar Gods beeld en zal daarom Gods wezen moeten uitdragen: liefde, goedheid, barmhartigheid, geduld.

Het plan van God

Vanaf het begin is het Gods plan geweest om met de mens – als kroon van de schepping – in gemeenschap te leven. Daardoor zou de mens kunnen uitgroeien tot een geestelijk wezen die op aarde een volmaakt representant van de Schepper zou zijn. Het ware goddelijke leven zou de aarde vervullen vol blijdschap, vrede en harmonie. Mensen, wonend in een natuurlijk lichaam, zullen dit ware leven ervaren en uitdragen door de levendmakende Geest van God.

De mens is echter door de zondeval ver van dat goddelijk patroon afgeweken. Hij voldoet bij lange na niet meer aan zijn (hemelse) roeping. Niemand kon daarna uit zichzelf nog aan Gods normen beantwoorden. Daarom spreekt de Bijbel over de noodzaak en de mogelijkheid om levend te wórden. Dit kan nu door het vrijwillige offer van Jezus Christus aan de satan én de levendmakende Geest van God. Ook al vervalt de uiterlijke mens, toch wordt de innerlijke mens van dag tot dag vernieuwd. De Geest van God stelt de mens in staat om te veranderen.

Is je huis opgeruimd?

Zij die bij Jezus Christus horen én gedoopt en vervuld zijn met Gods Geest, weten dat Gods Geest in hen woont. Gods Geest kiest een woonplaats in ons levenshuis en dat niet alleen: Hij wil zelfs hoofdbewoner zijn. Dat geeft houvast in deze donkere tijden waarin de demonen van satan (en de mensen die hen vandaag aanbidden) alles op alles zetten om Gods plan te torpederen. De menselijke geest komt zwaar onder druk te staan en velen bezwijken. Zij vinden het moeilijk om de geestelijke druk te weerstaan. Sommigen voelen zich verre van ‘levend’. Doordat hun denken verleugend wordt, beseffen zij niet dat Gods Geest hen kracht wil geven. Gods Geest is de allersterkste, sterker dan welke duisternis of demon dan ook. Zelfs de satan zal door de gemeente van Jezus Christus in de vuurpoel worden geworpen!

  • Waarom bent u nog bang of benauwd? Gods Geest, waar u mee vervuld mag worden, is meer dan welke geest ook, die tegen u is!

Maar geef Gods Geest dan ook alle ruimte: Hij wil in u wonen en niet op een achterafkamertje logeren. Hij is er niet ‘voor noodgevallen’, maar voor heel uw bestaan. Wanneer bij u (vanuit de geestelijke wereld) ongewenst ‘bezoek’ aanklopt, zult u Gods Geest ‘naar de voordeur laten gaan’, zodat deze krakers niet uw levenshuis zullen binnenkomen en alles roven:

  • ‘Bied weerstand (door Gods Geest) aan de duivel en hij zal van u vluchten’ (Jac.4:7).

Niet strijden tegen eigen vlees en bloed

  • ‘Als u echter door Gods Geest de (slechte) daden van het lichaam doodt, zult u leven’ (Rom.8:13).

Sommige Bijbelvertalingen spreken hier over Gods Geest, die ‘uw zondige wil, doodt’. Massa’s nooit bekeerde kerkbewoners leggen het zo uit, dat zij zich laten verleiden door de strijd tegen zichzelf aan te binden. Met als resultaat dat zij nooit definitief de overwinning behalen. Hun ‘vlees’ blijkt steeds weer te zwak te zijn, ook al is hun geest gewillig op het aardse vlak. Zij hebben niet in de gaten dat zij tegen de verkeerde vechten. Strijden tegen jezelf is een onmogelijke zaak. Hier gaat het echter over de demonen van de duisternis, die in het ‘lichaam’ (het aardse bestaan) hun wil willen laten gelden. Men moet dus zicht krijgen op de verleidende geesten die de mens willen afhouden van het leven voor God:

  • ‘Zoek de dingen die boven zijn, niet die op de aarde zijn’ (Col.3:2).

Dit kan alleen als men onderscheiding van geesten bezit. Op die manier kan men de strijd aangaan en met Gods Geest overwinnen. Wanneer Gods Geest in u woont, zult u zich moeten realiseren dat Hij er helemaal is. God wil niets liever dan u helemaal vervullen, maar oefent geen enkele dwang uit. Hij wacht af totdat u Hem vrijwillig toelaat in uw hele levenshuis. Zodat u – hoewel u in een sterfelijk lichaam u beweegt – levend zult worden. Zo groeit u samen met andere broers en zussen op naar het volle zoonschap. Dit is gewoon niet meer tegen te houden; Gods Geest is daarmee bezig. Leg dan eerst het Bijbelse Fundament in uw leven en laat Gods Geest in u werken, zodat ook vervuld zal worden:

‘Want allen, die door de Geest van God geleid worden, zijn zonen van God’ (Rom.8:14).