
- ‘Kinderen, het is het laatste uur; en zoals u gehoord hebt dat de antichrist er aan komt, zijn er ook nu al veel antichristenen (meervoud) gekomen, waaruit wij weten dat het laatste uur is aangebroken. Zij zijn uit ons midden weggegaan, maar zij waren niet uit ons; want als zij uit ons geweest waren, dan zouden zij bij ons gebleven zijn’ (1 Joh.2:18-23).
Wij willen stilstaan bij de waarschuwingen die de apostel Johannes hier geeft, zoals hij ook schrijft in vers 26a: ‘Dit schrijf ik u van diegenen die u misleiden.’ Als wij, net als Johannes, zicht willen krijgen op de misleiders, zullen wij moeten opklimmen naar de hemelse gewesten en daarbij onze gedachten richten op de gedachten van God. Wij weten dat de weg in de hemelse gewesten de enige goede weg is, daar krijgen wij inzicht tussen goed én kwaad.
De apostel Johannes spreekt niet veel over aardse zaken zoals Paulus dat doet over het huwelijk en de overheden. Johannes spreekt ook niet over ruzietjes, onrecht, onreinheid, dieven en rovers, maar hij spreekt over het leven in de hemelse gewesten, over waarheid en leugen. Hij stijgt uit boven het natuurlijke leven. In de Johannesbrieven stelt hij zich op als oudste, als een anonieme schrijver. Zijn aardse naam of reputatie is niet belangrijk voor hem, hij wil in de hemel gekend worden. Uit het boek Openbaring blijkt duidelijk dat Johannes visioenen heeft gehad.
Niemand heeft de verborgenheden van God ons zo geopenbaard dan deze apostel, die zo graag over het leven schrijft. Johannes schrijft daarom ook niet dat wij in de wereld bezig zullen zijn: ‘Heb de wereld niet lief’! Wij zijn wel in de wereld, maar niet ván deze wereld. Richt je aandacht niet op deze wereld, want dit is maar tijdelijk. Als wij (net als Johannes) onze gedachten hebben in de hemelse gewesten, hebben we de eeuwigheid in ons. Wij willen daar onze plaats innemen zoals Paulus schrijft:
- ‘Wij zijn uit de duisternis overgeplaatst naar het licht, van de aarde naar de hemelse gewesten.’
Bijbehorende artikelen: